De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 18 maart 2026 een zorgmachtiging verleend voor de duur van twaalf maanden aan betrokkene, die lijdt aan een schizofreniforme stoornis. De zorgmachtiging is noodzakelijk omdat het herstel van betrokkene nog pril en te fragiel is, waardoor vrijwillige zorg niet toereikend is.
Tijdens de zitting met gesloten deuren zijn betrokkene, haar advocaat, begeleiders en psycholoog gehoord. Betrokkene gaf aan het goed te maken en haar medicatie te slikken, maar was bang haar woning te verliezen. De psycholoog en SPV’er benadrukten het risico op decompensatie en de fragiele situatie, waarbij ook incidenten met derden zijn geweest.
De rechtbank concludeerde dat betrokkene ernstig nadeel ondervindt door haar stoornis, waaronder lichamelijk letsel, psychische schade, verwaarlozing en maatschappelijke teloorgang. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven en verplichte zorg is noodzakelijk om stabilisatie te bereiken.
De toegewezen vormen van verplichte zorg omvatten medicatietoediening, medische controles, opname in een accommodatie, beperking van bewegingsvrijheid en periodiek contact met een ambulant team. De machtiging geldt tot en met 18 maart 2027. Tegen deze beschikking staat cassatie open.