ECLI:NL:RBZWB:2026:3127
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Navorderingsaanslag inkomstenbelasting 2020 afgewezen wegens ontbreken nieuw feit en onvoldoende bewijs aftrekposten
Belanghebbende was woonachtig in Duitsland en diende voor 2020 een aangifte inkomstenbelasting in met aftrek van rente eigenwoninglening en zorgkosten. De inspecteur legde een navorderingsaanslag op waarbij deze aftrekposten werden afgewezen en belastingrente werd berekend. Belanghebbende maakte bezwaar, maar dit werd ongegrond verklaard.
De rechtbank oordeelt dat de inspecteur terecht navorderingsaanslag en belastingrente heeft opgelegd. De inspecteur beschikte over een nieuw feit, namelijk informatie die tijdens de behandeling van het bezwaar over 2019 naar voren kwam en betrekking had op 2020, waardoor navordering gerechtvaardigd was.
Belanghebbende slaagde er niet in aannemelijk te maken dat de rente op de eigen woninglening en de specifieke zorgkosten aftrekbaar waren. De verstrekte stukken boden onvoldoende inzicht in de financieringsvoorwaarden en de daadwerkelijke betaling van rente, terwijl de zorgkosten niet boven de drempel uitkwamen.
Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard, de navorderingsaanslag blijft in stand en belanghebbende krijgt geen vergoeding van griffierecht of proceskosten.
Uitkomst: Het beroep tegen de navorderingsaanslag IB 2020 wordt ongegrond verklaard en de aanslag blijft in stand.