Uitspraak
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
met een scooter de doorgang van die [slachtoffer] te blokkeren en
die [slachtoffer] de dreigende woorden toe te voegen: “moet ik iets op je trekken?” en “moet ik een mes op je trekken” en
daarbij een hand tegen de keel van die [slachtoffer] te drukken en
die [slachtoffer] meermalen tegen het lichaam te duwen en
die [slachtoffer] meermalen tegen het gezicht te slaan en die [slachtoffer] eenmaal tegen het been te trappen.
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
- verdachte tot aan zijn meerderjarigheid onderwijs volgt en/of een zinvolle dagbesteding heeft;
- verdachte zijn medewerking verleent aan de afname van een breed persoonlijkheidsonderzoek;
- verdachte meewerkt aan hulpverlening die de jeugdreclassering noodzakelijk vindt ter voorkoming van recidive;
7.De wettelijke voorschriften
8.De beslissing
een jeugddetentie van 55 dagen, waarvan 42 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar;
algemene voorwaardedat verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
een werkstraf, van 40 uren;
vervangende jeugddetentiezal worden toegepast van
20 dagen.
een airpod en/of een kabeloplader (voor een Iphone), in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [slachtoffer] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl deze diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden of gemakkelijk te maken, of om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf of andere deelnemers aan het misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, door:
met een scooter de doorgang van die [slachtoffer] te blokkeren en/of
die [slachtoffer] de (dreigende) woorden toe te voegen: “moet ik iets op je trekken?” en/of “moet ik een mes op je trekken”, althans woorden van gelijke dreigende aard en/of strekking en/of
(daarbij) een hand tegen de keel van die [slachtoffer] te drukken en/of
die [slachtoffer] meermalen, althans eenmaal tegen het lichaam te duwen en/of
die [slachtoffer] meermalen, althans eenmaal op/tegen/in het gezicht te slaan en/of te stompen en/of die [slachtoffer] tegen het been van te schoppen/trappen;