Uitspraak
Rechtbank ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
inde woning van aangever zijn geweest zal de rechtbank verdachte eveneens vrijspreken van het subsidiair tenlastegelegde.
5.Het beslag
6.De vordering van de benadeelde partij
7.Beslissing
spreekt verdachte vrijvan het ten laste gelegde feit;
met dat opzet de (voor)deur van de woning, toehorende aan [aangever] , te openen en/of de woning te betreden, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid,
welke poging tot diefstal werd vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [aangever] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of andere deelnemers aan het misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, door een of meerdere keren met een (luchtdruk)wapen in de richting van die [aangever] te schieten;
( art 310 Wetboek Pro van Strafrecht, art 311 lid 1 ahf Pro/sub 5 Wetboek van Strafrecht, art 312 lid 1 Wetboek Pro van Strafrecht, art 45 lid 1 Wetboek Pro van Strafrecht, art 48 ahf Pro/sub 1 Wetboek van Strafrecht )
( art 138 lid 1 Wetboek Pro van Strafrecht )