Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBZWB:2026:2876

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
13 maart 2026
Publicatiedatum
13 april 2026
Zaaknummer
C/02/445639 / FA RK 26-1127
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Rekestprocedure
Rechters
  • Meyboom
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toekenning zorgmachtiging voor twaalf maanden wegens psychotische stoornis en dreigende ontregeling

De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 13 maart 2026 een zorgmachtiging verleend aan betrokkene, die lijdt aan een paranoïde schizofreniespectrumstoornis. Betrokkene is onder curatele gesteld en woont in een ernstig verwaarloosde ouderlijke woning die mogelijk gedwongen verkocht zal worden. De officier van justitie verzocht om een zorgmachtiging voor twaalf maanden vanwege het risico op ontregeling en suïcide bij gedwongen vertrek.

Betrokkene ontkent de psychische stoornis en weigert vrijwillige zorg, terwijl de casemanager en curator bevestigen dat betrokkene chronische psychotische klachten heeft en niet meewerkt aan medische controles. Zonder verplichte zorg is de verwachting dat betrokkene medicatie zal weigeren, wat leidt tot ernstige psychische en lichamelijke schade.

De rechtbank acht verplichte zorg noodzakelijk, waaronder medicatietoediening, medische controles, bewegingsvrijheidsbeperking, beperkingen in het eigen leven en opname in een accommodatie. Deze maatregelen zijn evenredig en gericht op het stabiliseren van betrokkene en het voorkomen van ernstig nadeel. De machtiging geldt tot 13 maart 2027 en is in het openbaar uitgesproken.

Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor twaalf maanden met verplichte zorgvormen vanwege de psychische stoornis en het risico op ontregeling bij gedwongen woningverkoop.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht
Locatie Breda
Zaaknummer: C/02/445639 / FA RK 26-1127
Datum uitspraak: 13 maart 2026
Beschikking zorgmachtiging
op het verzoek van de officier van justitie voor
[betrokkene],
geboren op [geboortedag] 1969 in [geboorteplaats] ,
hierna te noemen betrokkene,
wonend in [plaats] ,
advocaat mr. C.J.M. Veth uit Rijen.

1.Het verloop van de procedure

1.1.
De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 4 maart 2026.
1.2.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 13 maart 2026. Daarbij zijn gehoord:
  • betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat;
  • mevrouw [persoon 1] , casemanager van het FACT-team;
  • mevrouw [persoon 2] , curator van [coaching] .

2.Wat vaststaat

2.1.
De rechtbank heeft een zorgmachtiging verleend tot en met 29 april 2026.
2.2.
Betrokkene is op 21 december 2023 onder curatele gesteld.

3.Het verzoek

3.1.
De officier van justitie verzoekt de rechtbank een zorgmachtiging te verlenen voor de duur van twaalf maanden.

4.De standpunten

4.1.
Betrokkene geeft aan dat een zorgmachtiging niet nodig is. Betrokkene voelt zich misselijk, vanwege de troep in zijn lichaam. Hij heeft geen psychotische klachten en heeft nooit iets gemankeerd. De situatie moet opgelost worden en het bedrijf moet doorgespeeld worden naar betrokkene. Betrokkene denkt dat zijn ouders nog leven en vindt dat zijn ouders boven water moeten komen. Verder heeft de zorg er een eigen belang bij als hij de woning moet verlaten, zodat de zorg zijn boerderij kan afpakken.
4.2.
De casemanager zegt dat vastgesteld is bij betrokkene dat er sprake is van chronische psychotische klachten. Vanwege de medicatie blijft het toestandsbeeld van betrokkene redelijk stabiel, maar betrokkene houdt wel psychotische klachten. Betrokkene woont nog in de woning van zijn ouders en heeft het idee dat zijn ouders nog leven. Verder is er niet veel contact tussen betrokkene en het ambulant team. De zorgverleners hebben zorgen over hoe het lichamelijk met betrokkene gaat, maar hij wil niet naar de huisarts en hij wil zich ook niet laten controleren door het ambulant team. Zonder zorgmachtiging is de verwachting dat betrokkene zelf zal kiezen om geen medicatie in te nemen, aangezien betrokkene de medicatie nu enkel accepteert omdat het verplicht is. Zo lang betrokkene stabiel blijft met de medicatie, is een opname tot nu toe niet nodig. Indien betrokkene echter de medicatie weigert, zal een opname wel noodzakelijk zijn. De verwachting is dat betrokkene zal ontregelen en dat de samenwerking met betrokkene zal verminderen, indien de woning verkocht moet worden en dan zal een opname nodig zijn.
4.3.
De curator zegt dat betrokkene niet in de woning zal kunnen blijven, waarna een gedwongen opname mogelijk nodig zal zijn. De verwachting is namelijk dat betrokkene niet zal meewerken aan een vrijwillig vertrek uit de woning. Tot nu toe is het nog onduidelijk wanneer betrokkene de woning zal moeten verlaten. De verwachting is wel dat dit komend jaar zal plaatsvinden. Daarnaast acht de curator het nodig dat er medische controles worden verricht bij betrokkene, gelet op zijn slechte lichamelijke toestand.
4.4.
De advocaat voert aan dat betrokkene van mening is dat er niets met hem aan de hand is en verzoekt daarom het verzoek af te wijzen. Indien de rechtbank van oordeel is dat een zorgmachtiging nodig is, voert de advocaat aan dat de situatie het afgelopen jaar niet is veranderd. Ook is er momenteel nog geen zicht op wanneer betrokkene de woning zal moeten verlaten. Zo lang dit niet aan de orde is, is een opname niet noodzakelijk en zijn enkel de verplichte zorgvormen ‘het toedienen van medicatie’, ‘het verrichten van medische controles’ en ‘het aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten’ nodig in de zorgmachtiging. De advocaat verzoekt de overige verzochte vormen van verplichte zorg af te wijzen.

5.De beoordeling

5.1.
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van twaalf maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
5.2.
De rechtbank is van oordeel dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis. Betrokkene heeft namelijk een paranoïde schizofreniespectrumstoornis. Betrokkene en zijn advocaat betwisten dat sprake is van een psychische stoornis. De rechtbank heeft echter geen reden om te twijfelen aan de medische verklaring.
5.3.
Deze stoornis veroorzaakt ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit:
- levensgevaar;
- ernstig lichamelijk letsel;
- ernstige psychische schade;
- ernstige verwaarlozing;
- maatschappelijke teloorgang.
5.4.
Betrokkene woont in zijn ouderlijk huis. Deze woning is ernstig verwaarloosd en is nauwelijks veilig bewoonbaar. Er bestaat een reële kans dat betrokkene gedwongen zal moeten verhuizen. Indien betrokkene de woning kwijtraakt bestaat er een risico op ontregeling en suïcide. Er is sprake van zelfverwaarlozing en stagnatie op sociaal-maatschappelijk gebied. Betrokkene is volledig gestagneerd in zijn functioneren, het ontbreekt hem aan dagstructuur en er is sprake van sociale isolatie. Ook maakt betrokkene een onverzorgde indruk.
5.5.
Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen heeft betrokkene zorg nodig.
5.6.
Er zijn geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis. Betrokkene toont geen ziektebesef of -inzicht. Betrokkene is afwerend ten aanzien van de zorg en weigert inhoudelijk in gesprek te gaan over zijn situatie of de noodzakelijke zorg. Hij accepteert medicatie slechts minimaal en onder druk dan wel drang. Zonder juridisch kader bestaat een reëel risico dat betrokkene de zorg en medicatie volledig zal weigeren, met verdere psychiatrische ontregeling en ernstig nadeel tot gevolg. Daarom is verplichte zorg nodig.
5.7.
De rechtbank is op grond van het zorgplan, de medische verklaring, de visie van de geneesheer-directeur en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn:
- het toedienen van medicatie;
  • het verrichten van medische controles;
  • het beperken van de bewegingsvrijheid;
  • aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;
  • opnemen in een accommodatie.
5.7.1.
Ten aanzien van de vorm van verplichte zorg ‘aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten’ overweegt de rechtbank dat daaronder wordt verstaan dat betrokkene contact moet blijven onderhouden met het ambulante FACT-team.
5.7.2.
De rechtbank acht het noodzakelijk om de verplichte zorgvormen die zien op een gesloten opname toe te wijzen, omdat de verwachting is dat betrokkene dit jaar zijn woning zal moeten verlaten en hij hierdoor zal ontregelen. Een opname zal in dat geval noodzakelijk zijn. De rechtbank acht het daarom voldoende voorzienbaar dat deze zorgvormen de komende tijd noodzakelijk zullen zijn.
5.8.
De overige door de officier van justitie verzochte vormen van verplichte zorg worden door de rechtbank niet noodzakelijk geacht, omdat de casemanager van het ambulant team tijdens de zitting heeft bevestigd dat deze niet nodig zijn om het ernstig nadeel af te wenden.
5.9.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving.

6.De beslissing

De rechtbank:
6.1.
verleent een zorgmachtiging voor
[betrokkene], geboren op [geboortedag] 1969 in [geboorteplaats] , wat inhoudt dat de maatregelen die in 5.7. staan kunnen worden toegepast;
6.2.
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 13 maart 2027.
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 13 maart 2026 door mr. Meyboom, rechter, in aanwezigheid van mr. Van Oorschot, griffier en op schrift gesteld op 1 april 2026.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.