Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBZWB:2026:284

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
22 januari 2026
Publicatiedatum
22 januari 2026
Zaaknummer
25/2339
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:41 AwbArt. 8:54 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid beroep wegens niet-betaling griffierecht bij melding Veilig Thuis

Eiseres heeft beroep ingesteld tegen de verwerking en opvolging van een melding bij Veilig Thuis, met betrekking tot gegevensverwerking en informatieverstrekking aan derden. De rechtbank beoordeelt dit beroep zonder zitting omdat het kennelijk niet-ontvankelijk is.

De reden voor niet-ontvankelijkheid is het niet betalen van het griffierecht van €194,-, ondanks meerdere aanmaningen en verzoeken om gegevens over inkomen en vermogen ter onderbouwing van een beroep op betalingsonmacht. Eiseres heeft niet gereageerd op deze verzoeken en heeft het griffierecht niet voldaan.

De rechtbank concludeert dat er geen verontschuldiging is voor het niet betalen van het griffierecht. Hierdoor kan het beroep niet inhoudelijk worden beoordeeld en wordt het niet-ontvankelijk verklaard. Partijen zijn geïnformeerd over de mogelijkheid tot het indienen van een verzetschrift binnen zes weken.

Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht zonder verontschuldiging.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Bestuursrecht
zaaknummer: BRE 25/2339

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 22 januari 2026 op het beroep van

[eiseres], uit [plaats], eiseres

Inleiding

1. In deze uitspraak beslist de rechtbank over het beroep van eiseres over de verwerking en opvolging van een melding bij Veilig Thuis, alsmede de daaropvolgende gegevensverwerking, dossieropbouw en informatieverstrekking aan derden.
1.1.
Omdat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is, doet de rechtbank uitspraak zonder zitting. Artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat mogelijk.

Beoordeling door de rechtbank

2. De rechtbank komt tot het oordeel dat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is omdat het griffierecht niet is betaald en het niet betalen niet verontschuldigbaar is. De rechtbank legt hierna uit hoe zij tot dit oordeel komt.
Toetsingskader
3. Iemand die beroep instelt, moet griffierecht betalen. Dit staat in artikel 8:41 van Pro de Awb. In een zaak als deze is het griffierecht € 194,-. De griffier van de rechtbank stelt een termijn waarbinnen het griffierecht moet worden betaald. Het hele bedrag moet binnen die termijn zijn bijgeschreven op de rekening van de rechtbank of dan zijn betaald op de griffie van de rechtbank. Als het griffierecht niet of niet tijdig is betaald, verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk. Dat is alleen anders als het niet of niet tijdig betalen van het griffierecht verontschuldigbaar is. Dat betekent dat er een goede reden moet zijn waarom het griffierecht niet (tijdig) is betaald.
Beroep op betalingsonmacht
4. Eiseres heeft in haar e-mailbericht van 27 april 2025 een beroep op betalingsonmacht gedaan. De griffier heeft bij aangetekend verzonden brief van 20 mei 2025 eiseres verzocht om het meegezonden formulier in te vullen en gegevens over haar inkomen en vermogen in te dienen. Daarbij is eiseres meegedeeld dat zij deze gegevens binnen twee weken na verzending van de brief diende in te dienen. Eiseres heeft hierop niet gereageerd. De griffier heeft vervolgens bij aangetekend verzonden brief van 5 augustus 2025 het beroep op betalingsonmacht afgewezen, omdat eiseres niet de gevraagde gegevens heeft overgelegd.
Heeft eiseres het griffierecht tijdig betaald?
5. Aan eiseres is medegedeeld dat zij een nieuwe nota zou ontvangen en dat het griffierecht binnen de op de nota vermelde betalingstermijn diende te worden voldaan. Daarbij is vermeld dat het niet betalen van het griffierecht tot niet-ontvankelijkverklaring kan leiden. Op 4 september 2025 heeft de griffier eiseres een (aangetekende) herinnering gestuurd om het griffierecht te betalen.
6. Eiseres heeft het griffierecht niet betaald.
Is het niet betalen verontschuldigbaar?
7. Eiseres heeft geen reden gegeven voor dit verzuim. Er is dus geen verontschuldiging voor dit verzuim gebleken.

Conclusie en gevolgen

8. Het beroep is daarom niet-ontvankelijk. Dat betekent dat de rechtbank het beroep niet inhoudelijk beoordeelt.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. M. Breeman, rechter, in aanwezigheid van mr. B.A.M. van Hoof, griffier, op 22 januari 2026 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
griffier
rechter
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Informatie over verzet

Als partijen het niet eens zijn met deze uitspraak, kunnen zij een verzetschrift sturen naar de rechtbank waarin zij uitleggen waarom zij het niet eens zijn met deze uitspraak. Het verzetschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als partijen graag een zitting willen om het verzetschrift toe te lichten, moeten zij dit in het verzetschrift vermelden.