ECLI:NL:RBZWB:2026:2754
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening voor vaste plaats jeugdhulp bij huidige zorgaanbieder
Verzoeker, een jeugdige met complexe gedragsproblemen, verbleef sinds 2024 in diverse crisisopvangplekken en kreeg een tijdelijke indicatie voor verblijf bij een zorgaanbieder in afwachting van een passende langdurige plek. Verzoeker en zijn ouders wensten een vaste plaats bij deze zorgaanbieder, omdat zij van mening waren dat de huidige begeleiding beter aansloot bij zijn behoeften en ontwikkeling.
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Oosterhout heeft na onderzoek, inclusief advies van een gedragswetenschapper en multidisciplinair overleg, geconcludeerd dat een gezinshuis de meest passende woonvoorziening is. De voorzieningenrechter oordeelt dat het college zorgvuldig heeft gehandeld en zich terecht baseerde op deskundige rapportages en beschikbare informatie.
Hoewel verzoeker bezwaar maakte tegen plaatsing in een gezinshuis, met name vanwege de afstand tot school, werk en sociale contacten, is dit geen reden om de tijdelijke indicatie voor verblijf bij de huidige zorgaanbieder te verlengen. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af, omdat niet is gebleken dat de huidige situatie onhoudbaar is en het college een redelijke afweging heeft gemaakt.
De uitspraak heeft een voorlopig karakter en bindt de rechtbank niet in een eventueel bodemgeding. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening voor verlenging van verblijf bij de huidige zorgaanbieder wordt afgewezen omdat een gezinshuis de meest passende woonvoorziening is.