ECLI:NL:RBZWB:2026:2748
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond: geen aftrek specifieke zorgkosten in inkomstenbelasting 2022
Belanghebbende heeft bezwaar gemaakt tegen de aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen (IB/PVV) 2022, waarin de inspecteur de aftrek voor specifieke zorgkosten van € 5.627 niet heeft erkend. De rechtbank heeft het beroep op 26 februari 2026 behandeld, waarbij belanghebbende niet aanwezig was.
De inspecteur heeft het bezwaar ongegrond verklaard en de rechtbank oordeelt dat de aanslag naar de juiste hoogte is vastgesteld. De inspecteur heeft niet onzorgvuldig gehandeld, ondanks het niet reageren op een uitstelverzoek van belanghebbende. De rechtbank vindt dat dit niet leidt tot een schending van het zorgvuldigheidsbeginsel, mede omdat belanghebbende voldoende tijd heeft gehad om te reageren.
Belanghebbende heeft niet aannemelijk gemaakt dat de zorgkosten daadwerkelijk op haar drukken en niet door de zorgverzekeraar zijn vergoed. De inspecteur heeft de aftrekpost terecht geweigerd. Ook is er geen aanleiding om af te wijken van de belastingrentebeschikking. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en belanghebbende krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende tegen de aanslag IB/PVV 2022 wordt ongegrond verklaard vanwege onvoldoende bewijs voor aftrek specifieke zorgkosten en geen schending van het zorgvuldigheidsbeginsel.