Uitspraak
Rechtbank ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
op 9 september 2024 te Breda , als verkeersdeelnemer, namelijk als bestuurder van een motorrijtuig, daarmede rijdende over de weg, de A16, zich zodanig heeft gedragen dat een aan zijn schuld te wijten verkeersongeval heeft plaatsgevonden (nabij hectometerpaal 62.1) door aanmerkelijk onvoorzichtig en onoplettend rijgedrag, door terwijl op matrixborden boven het wegdek van die A16 aangepaste maximumsnelheden werden aangegeven van respectievelijk 70 km/u (nabij hectometerpaal 71,7) en 50 km/u (nabij hectometerpaal 61.9)
met een snelheid van 105 km/u te rijden en zijn snelheid niet zodanig aan te passen dat hij zijn voertuig tot stilstand kon brengen binnen de afstand waarover hij de weg kon overzien en waarover deze vrij was en niet tijdig op te merken dat het verkeer voor hem stilstond en vervolgens achterop een voor hem stilstaande personenauto te botsen, waardoor een ander (genaamd [slachtoffer] ) zwaar lichamelijk letsel, te weten een bekkenfractuur werd toegebracht;
op 9 september 2024 te Breda als bestuurder van een voertuig (bedrijfsauto), daarmee rijdende op de weg, de A16, terwijl op matrixborden boven het wegdek van die A16
aangepaste maximumsnelheden werden aangegeven van respectievelijk 70 km/u (nabij hectometerpaal 71,7) en 50 km/u (nabij hectometerpaal 61.9) met een snelheid van
105 km/u heeft gereden en zijn snelheid niet zodanig heeft aangepast dat hij zijn voertuig tot stilstand kon brengen binnen de afstand waarover hij de weg kon overzien en waarover deze vrij was en niet tijdig heeft opgemerkt dat het verkeer voor hem stilstond en vervolgens achterop een voor hem stilstaande personenauto is gebotst en hiermee een botsing heeft veroorzaakt waarbij [slachtoffer] en [benadeelde 1] en [benadeelde 2] en [benadeelde 3] schade en/of letsel hebben opgelopen, door welke gedragingen van verdachte gevaar op die weg werd veroorzaakt en het verkeer op die weg werd gehinderd.
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.De vordering van de benadeelde partij
8.De wettelijke voorschriften
9.Beslissing
Strafbaarheid
een taakstraf van 120 uren;
vervangende hechteniszal worden toegepast van
60 dagen;
een ontzegging van de bevoegdheid om motorrijtuigen te besturen van zes maanden, waarvan drie maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar;
geen straf of maatregel wordt opgelegd;
mr. P.K.J. van der Wal, rechters, in tegenwoordigheid van mr. S.A. Lemmens, griffier, en is uitgesproken ter openbare zitting op 9 april 2026.
hij, op of omstreeks 9 september 2024 te Breda , als verkeersdeelnemer, namelijk als
bestuurder van een motorrijtuig, daarmede rijdende over de weg, de A16, zich
zodanig heeft gedragen dat een aan zijn schuld te wijten verkeersongeval heeft
plaatsgevonden (nabij hectometerpaal 62.1) door roekeloos, in elk geval zeer,
althans aanmerkelijk, onvoorzichtig en/of onoplettend rijgedrag, door
terwijl op signaleringsborden/matrixborden naast/boven het wegdek van die A16
aangepaste maximumsnelheden werden aangegeven van respectievelijk 70 km/u
(nabij hectometerpaal 71,7) en 50 km/u (nabij hectometerpaal 61.9)
met een snelheid van 105 km/u, althans met een snelheid die (fors) hoger lag dan de
wettelijk toegestane maximumsnelheid, te rijden en/of
zijn snelheid niet zodanig aan te passen dat hij zijn voertuig tot stilstand kon
brengen binnen de afstand waarover hij, verdachte, de weg kon overzien en
waarover deze vrij was, en/of
niet (tijdig) op te merken dat het verkeer voor hem stilstond, en/of
vervolgens achterop een voor hem stilstaande personenauto te botsen,
waardoor een ander (genaamd [slachtoffer] ) zwaar lichamelijk letsel, te weten een
bekkenfractuur of zodanig lichamelijk letsel werd toegebracht, dat daaruit tijdelijke
ziekte of verhindering in de uitoefening van de normale bezigheden is ontstaan,
terwijl hij, verdachte, verkeerde in de toestand als bedoeld in artikel 8, eerste,
tweede, derde, vierde of vijfde lid van de Wegenverkeerswet 1994;
( art 6 Wegenverkeerswet Pro 1994 )
hij op of omstreeks 9 september 2024 te Breda als bestuurder van een voertuig
((bedrijfs)auto), daarmee rijdende op de weg, De A16,
terwijl op signaleringsborden/matrixborden naast/boven het wegdek van die A16
aangepaste maximumsnelheden werden aangegeven van respectievelijk 70 km/u
(nabij hectometerpaal 71,7) en 50 km/u (nabij hectometerpaal 61.9)
met een snelheid van 105 km/u, althans met een snelheid die (fors) hoger lag dan de
wettelijk toegestane maximumsnelheid, heeft gereden en/of
zijn snelheid niet zodanig heeft aangepast dat hij zijn voertuig tot stilstand kon
brengen binnen de afstand waarover hij, verdachte, de weg kon overzien en
waarover deze vrij was, en/of
niet (tijdig) heeft opgemerkt dat het verkeer voor hem stilstond, en/of
vervolgens achterop een voor hem stilstaande personenauto is gebotst, en/of
hiermee een kettingbotsing heeft veroorzaakt waarbij [slachtoffer] en/of [benadeelde 1]
[benadeelde 1] en/of [benadeelde 2] en/of [benadeelde 3] schade en/of letstel
heeft/hebben opgelopen,
door welke gedraging(en) van verdachte gevaar op die weg werd veroorzaakt,
althans kon worden veroorzaakt, en/of het verkeer op die weg werd gehinderd,
althans kon worden gehinderd;
( art 5 Wegenverkeerswet Pro 1994 )