ECLI:NL:RBZWB:2026:2642
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag Wet langdurige zorg wegens ontbreken 24-uurs zorgbehoefte
Eiser, geboren in 2000, met het syndroom van Usher en autismespectrumstoornis, vroeg Wlz-zorg aan. Het CIZ wees de aanvraag af omdat geen blijvende noodzaak voor 24-uurs zorg in de nabijheid kon worden vastgesteld. De medisch adviseur stelde vast dat de grondslagen somatiek en psychiatrie aanwezig zijn, maar niet verstandelijke of zintuiglijke handicap.
Eiser voerde aan dat hij door zijn complexe fysieke, psychische en zintuiglijke beperkingen, waaronder doofheid, visusklachten, evenwichtsstoornissen en een licht verstandelijke handicap, permanent toezicht en zorg nodig heeft. Hij stelde dat de adviezen en hulpmiddelen zoals het cochleair implantaat onvoldoende effect hadden.
De rechtbank oordeelde dat de medisch adviseur voldoende had gemotiveerd dat de grondslag verstandelijke handicap niet kan worden vastgesteld, mede vanwege uiteenlopende IQ-testresultaten en de invloed van ASS en auditieve beperkingen. Ook de grondslag zintuiglijke handicap werd niet vastgesteld, omdat het gehoorverlies met implantaat onder de norm bleef en het gezichtsveld niet ernstig beperkt was.
Verder concludeerde de rechtbank dat er geen objectief bewijs was voor zware regieproblemen of een noodzaak tot onafgebroken toezicht en actieve observatie. Eiser kan alarmeren en voert zelf diverse huishoudelijke taken uit. Daarom is de afwijzing van de Wlz-aanvraag terecht en blijft het beroep ongegrond.
Uitkomst: De rechtbank wijst het beroep af en bevestigt de weigering van Wlz-zorg wegens het ontbreken van een blijvende noodzaak voor 24-uurs zorg in de nabijheid.