Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBZWB:2026:2516

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
30 maart 2026
Publicatiedatum
2 april 2026
Zaaknummer
25/4100
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Proces-verbaal
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing beroep op verhoging bijzondere bijstand voor koelkast

Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Tilburg dat bijzondere bijstand voor een koelkast toekent van €250, het bedrag dat volgens het gemeentelijk beleid en de Nibud-norm geldt voor een tafelmodel koelkast zonder vriesvak.

Eiseres stelt dat zij een grotere koelkast nodig heeft vanwege haar dieetvoeding en medische omstandigheden, waaronder het slechts eenmaal per twee weken kunnen doen van boodschappen. Het college stelt dat de toegewezen norm adequaat is en dat eiseres onvoldoende bewijs heeft geleverd voor een hoger bedrag.

De rechtbank oordeelt dat het college terecht is uitgegaan van de Nibud-norm en dat eiseres haar stellingen onvoldoende heeft onderbouwd met bewijs. Ook de door eiseres aangevoerde misgelopen witgoedregeling leidt niet tot een andere uitkomst, omdat het een aparte regeling betreft en de termijn duidelijk was.

Daarom verklaart de rechtbank het beroep ongegrond en wijzigt het besluit niet. Eiseres krijgt geen vergoeding van griffierecht of proceskosten. Partijen zijn gewezen op de mogelijkheid tot hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep.

Uitkomst: Het beroep tegen de hoogte van de toegekende bijzondere bijstand voor een koelkast wordt ongegrond verklaard.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Zittingsplaats Breda
Bestuursrecht
zaaknummer: BRE 25/4100
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 30 maart 2026 in de zaak tussen

[eiseres] , uit [woonplaats] , eiseres

en
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Tilburg, het college.

Inleiding

1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiseres tegen de toekenning van de aanvraag van eiseres voor bijzondere bijstand voor een koelkast voor een bedrag van € 250,00.
1.1.
Het college heeft met het besluit van 4 maart 2025 de bijzondere bijstand voor een kookplaat afgewezen, maar voor een koelkast wel een bedrag van € 250,00 toegekend.
1.2.
Eiseres heeft bezwaar gemaakt tegen de hoogte van het toegekende bedrag voor bijzondere bijstand voor de koelkast.
1.3.
Met het bestreden besluit van 3 juli 2025 op het bezwaar van eiser is het college bij zijn besluit gebleven.
1.4.
De rechtbank heeft het beroep van eiseres tegen het bestreden besluit van het college van 3 juli 2025 op 30 maart 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiseres en namens het college [gemachtigde] .
1.5.
Na afloop van zitting heeft de rechtbank onmiddellijk uitspraak gedaan.

Beoordeling door de rechtbank

2. Aan eiseres is bijzondere bijstand toegekend voor een bedrag van € 250,00 voor een koelkast. In deze zaak gaat het om de hoogte van het toegekende bedrag.
3. De gemeente Tilburg heeft beleid waarin staat dat voor de hoogte van het bedrag aan bijzondere bijstand aangesloten wordt bij de Nibud-norm. Uit dat beleid volgt ook dat het uitgangspunt is dat gekozen wordt voor een (tafelmodel) koelkast zonder vriesvak. Daar hoort een bedrag van € 250,- bij. Volgens vaste rechtspraak mag het college zich baseren op de Nibud-norm als richtsnoer waarmee de goedkoopste adequate oplossing getroffen kan worden. Het college mag dus bekijken wat de goedkoopste oplossing is, waarbij iemand toch geholpen is. Dat heeft het college hier gedaan. Vervolgens mag degene die vindt dat hij/zij recht heeft op meer, daar bewijs voor aandragen. Eiseres heeft dat geprobeerd. Zij stelt dat ze een grotere koelkast nodig heeft vanwege haar dieetvoeding en andere voedingsmiddelen die zij gebruikt om ondergewicht tegen te gaan en dat het bedrag van € 250,00 niet toereikend is. Het college heeft aangevoerd dat eiseres alleen woont en dat haar dieetvoeding niet allemaal tegelijkertijd in de koelkast opgeslagen hoeft te worden. Eiseres heeft dit bevestigd. Ter zitting heeft eiseres aangevoerd dat zij maar één keer in de twee weken boodschappen kan doen wegens medische redenen. Eiseres heeft in het dossier wel gesteld dat voeding belangrijk is om ondergewicht tegen te gaan, maar heeft niets gesteld over dat zij maar één keer in de twee weken boodschappen kan doen. Eiseres heeft dit ook niet met stukken nader onderbouwd. De beroepsgrond slaagt niet.
4. Eiseres heeft gesteld dat rekening gehouden moet worden met de witgoedregeling die zij is misgelopen. De rechtbank begrijpt dat het heel jammer voor eiseres is dat ze de witgoedregeling is misgelopen, aangezien zij in dat geval een koelkast had kunnen kopen voor € 550,00. Het college voert daarover aan dat het gaat om een andere regeling, er geen budget meer is en dat het geen gebruik maken ervan niet komt doordat eiseres verkeerd is voorgelicht door het college. De rechtbank stelt vast dat in de oorspronkelijke brief een einddatum stond, dus dat gewerkt werd met een einddatum was duidelijk. Eiseres was weliswaar naar eigen zeggen ziek, maar uiteindelijk heeft zij het wel op het laatste moment laten aankomen, waarna bleek dat de termijn alsnog was verstreken. Dat de beslissing uiteindelijk zodanig onevenredig uitpakt dat het college hier bij de toekenning van de bijzondere bijstand rekening mee had moeten houden, is niet het geval. Ook deze beroepsgrond van eiseres slaagt dus niet.

Conclusie en gevolgen

5. Het beroep is ongegrond. Dat betekent dat er voor eiseres niets verandert. Eiseres krijgt daarom het griffierecht niet terug. Zij krijgt ook geen vergoeding van haar proceskosten.
6. Partijen zijn gewezen op de mogelijkheid om tegen de mondelinge uitspraak in hoger beroep te gaan op de hieronder omschreven wijze.

Beslissing

De rechtbank verklaart beroep ongegrond.
Deze uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 30 maart 2026 door mr. R.J.H. van der Linden, rechter, in aanwezigheid van mr. A.M.H. Meulensteen, griffier.
griffier
rechter
Een afschrift van dit proces-verbaal is verzonden aan partijen op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Centrale Raad van Beroep waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop dit proces-verbaal is verzonden.