Eiseres heeft in 2016 en opnieuw in 2021 een aanvraag gedaan voor een Wajong-uitkering, die door het UWV werd afgewezen op grond van het oordeel dat zij op de aanvraagdatum arbeidsvermogen had. De rechtbank heeft het beroep van eiseres tegen het laatste besluit behandeld en beoordeeld aan de hand van een volledige heroverweging.
De verzekeringsarts b&b stelde dat eiseres op de aanvraagdatum in 2021 over arbeidsvermogen beschikte, ondanks haar psychische en rugklachten. Eiseres betoogde dat haar beperkingen duurzaam zijn, onderbouwd met medische gegevens over haar schizofrenie en langdurige psychiatrische opnames. De rechtbank concludeerde dat de overwegingen van de verzekeringsarts te algemeen waren en onvoldoende maatwerk boden voor de situatie van eiseres.
Gezien de langdurige en ernstige psychische problematiek, de beschermde woonomgeving en de medische rapportages acht de rechtbank het ontbreken van arbeidsvermogen duurzaam. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit, kende eiseres recht toe op een Wajong-uitkering met ingang van 28 juni 2016 en veroordeelde het UWV tot vergoeding van griffierecht, proceskosten en wettelijke rente.