ECLI:NL:RBZWB:2026:2275
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens niet betalen griffierecht in belastingzaak
Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen een beslissing van de inspecteur van de Belastingdienst van 31 oktober 2025. De rechtbank ontving het beroep digitaal op 12 december 2025. De rechtbank beoordeelt het beroep zonder zitting omdat het kennelijk niet-ontvankelijk is op grond van artikel 8:54 Awb Pro.
De kern van het geschil is dat belanghebbende het griffierecht van €53,- niet heeft betaald binnen de door de griffier gestelde termijnen. De griffier heeft belanghebbende op 13 december 2025 schriftelijk gewezen op de betaling en vervolgens op 12 januari 2026 aangetekend een laatste termijn gegeven. Deze brief is op 14 januari 2026 bezorgd en ontvangen.
Ondanks deze aanmaningen heeft belanghebbende het griffierecht niet voldaan en geen verontschuldiging gegeven voor het verzuim. De rechtbank concludeert daarom dat het beroep niet-ontvankelijk is en dat het bestreden besluit van de inspecteur in stand blijft. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet betaling van het griffierecht, waardoor het bestreden besluit in stand blijft.