ECLI:NL:RBZWB:2026:2100

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
20 februari 2026
Publicatiedatum
23 maart 2026
Zaaknummer
C/02/445153 / FA RK 26-860
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Rekestprocedure
Rechters
  • De Beer
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Voortzetting crisismaatregel wegens ernstig psychisch nadeel en veiligheidsrisico

Betrokkene verblijft sinds 17 februari 2026 onder een crisismaatregel in een psychiatrisch ziekenhuis vanwege een psychotische decompensatie en gevaarlijk gedrag, waaronder het rondlopen met een vlindermes en uitingen van doodswens. De officier van justitie verzoekt verlenging van de crisismaatregel voor drie weken.

Tijdens de zitting, die met gesloten deuren plaatsvond, gaf betrokkene aan niet te willen spreken en schreef hij zijn verklaringen op. De behandelaar bevestigde de ernst van de psychische stoornis en het risico op ernstig nadeel, waaronder levensgevaar en maatschappelijke teloorgang. De advocaat pleitte primair voor afwijzing wegens het ontbreken van het onmiddellijkheidsvereiste en subsidiair voor een kortere duur en alternatieve zorgvormen.

De rechtbank oordeelt dat het ernstig nadeel en veiligheidsrisico's aanwezig zijn en dat de crisismaatregel noodzakelijk is, mede omdat betrokkene niet communiceert en het moeilijk is de psychotische toestand in te schatten. De toegewezen verplichte zorg omvat medicatie, medische controles, bewegingsbeperking, beperkingen in communicatie en opname in een accommodatie. Minder bezwarende alternatieven ontbreken.

De machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel wordt voor drie weken verleend, met inachtneming van proportionaliteit en het bevorderen van maatschappelijke deelname en veiligheid. Het verzoek tot andere of aanvullende zorgvormen wordt afgewezen. Tegen deze beschikking staat cassatie open.

Uitkomst: De rechtbank verlengt de crisismaatregel voor betrokkene voor drie weken wegens onmiddellijk dreigend ernstig nadeel en veiligheidsrisico.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht
Locatie Middelburg
Zaaknummer: C/02/445153 / FA RK 26-860
Datum uitspraak: 20 februari 2026
Beschikking voortzetting crisismaatregel
op het verzoek van de officier van justitie voor
[betrokkene],
geboren op [geboortedag] 2000 in [geboorteplaats] ,
hierna te noemen betrokkene,
wonend in [plaats 1] ,
thans verblijvende in [psychiatrisch ziekenhuis] te [plaats 2] ,
advocaat mr. M.A. Breewel-Witteveen uit Goes.

1.Het verloop van de procedure

1.1.
De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 18 februari 2026.
1.2.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 20 februari 2026. Daarbij zijn gehoord:
  • betrokkene, bijgestaan door een tolk en zijn advocaat, mr. Breewel-Witteveen;
  • mevrouw [persoon 1] , behandelaar en arts;
- [persoon 2] , verpleegkundige.

2.Wat vaststaat

2.1.
Betrokkene verblijft met een crisismaatregel in [psychiatrisch ziekenhuis] . De burgemeester van Goes heeft de crisismaatregel op 17 februari 2026 afgegeven.

3.Het verzoek

3.1.
De officier van justitie verzoekt de rechtbank een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel te verlenen voor de duur van drie weken.

4.De standpunten

4.1.
Betrokkene geeft tijdens de zitting aan niet te willen praten en dit in de toekomst ook niet te zullen doen. Betrokkene schrijft daarom alles op een briefje tijdens de zitting. Betrokkene verklaart dat het goed met hem gaat en zijn medicatie te hebben ingenomen.
4.2.
De behandelaar verklaart dat er bij betrokkene sprake is van schizofrenie. Betrokkene is psychisch ontregeld waardoor hij met een vlindermes is gaan rondlopen. Ook heeft betrokkene aangegeven te willen weten hoe het voelt om mensen te vermoorden. Sinds betrokkene is opgenomen, weigert hij te praten. De behandelaar vermoedt dat dit gedrag voortkomt uit de angst te worden afgeluisterd. Het is voor de behandelaar moeilijk in te schatten hoe psychotisch betrokkene momenteel is omdat dit normaal gesproken mede wordt afgeleid uit de manier van spreken van iemand. Gezien de eerdere dreigingen is het niet veilig om betrokkene naar huis te laten gaan.
4.3.
De advocaat bepleit primair afwijzing van het verzoek. Voor een voortzetting van de crisismaatregel moet er worden voldaan aan het onmiddellijkheidsvereiste en daaraan wordt niet voldaan. Betrokkene is sinds 18 februari rustig en neemt zijn medicatie in. Subsidiair, bij toewijzing van het verzoek, verzoekt de advocaat de duur van de voortzetting van de crisismaatregel te beperken tot een week en ‘opnemen in een accommodatie’ als vorm van verplichte zorg af te wijzen. Een zorgmachtiging is eerder noodzakelijk volgens de advocaat dan voortzetting van de crisismaatregel zodat betrokkene structureel ambulant kan worden begeleid.

5.De beoordeling

5.1.
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van drie weken. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
5.2.
Uit de overgelegde stukken en de zitting is gebleken dat er ten aanzien van betrokkene sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, gelegen in het bestaan van of het aanzienlijk risico op:
- levensgevaar;
- ernstig lichamelijk letsel;
- ernstige psychische schade;
- maatschappelijke teloorgang;
- gevaar voor de algemene veiligheid van personen en goederen.
5.3.
De rechtbank neemt hierbij in overweging dat betrokkene aangeeft te willen weten hoe het voelt om een ander te doden. Ook heeft betrokkene zichzelf gesneden met een mes en heeft hij aan zijn partner aangegeven niet meer in deze wrede wereld te willen leven. Thuis heeft betrokkene met een mes een gat in de tafel gemaakt.
5.4.
Vermoed wordt dat het ernstig nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een psychische stoornis, te weten schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen en middelgerelateerde en verslavingsstoornissen. Bij betrokkene is sprake van een psychotische decompensatie.
5.5.
De crisissituatie is zo ernstig dat de procedure voor een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht.
5.6.
De rechtbank is op grond van de medische verklaring en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn om het nadeel af te wenden:
- het toedienen van medicatie;
- het verrichten van medische controles;
- het beperken van de bewegingsvrijheid;
- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;
- opnemen in een accommodatie.
5.7.
De overige door de officier verzochte vormen van verplichte zorg worden door de rechtbank niet noodzakelijk geacht, omdat de noodzakelijkheid daarvan niet (afdoende) is gemotiveerd en de behandelaar tijdens de mondelinge behandeling gemotiveerd heeft verklaard dat deze niet nodig zijn om het ernstig nadeel af te wenden.
5.8.
Betrokkene verzet zich tegen de zorg. Betrokkene geeft aan niet bij [psychiatrisch ziekenhuis] te willen blijven.
5.9.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De rechtbank acht voortzetting van de crisismaatregel voor de duur van drie weken noodzakelijk omdat het moeilijk in te schatten hoe psychotisch betrokkene momenteel is doordat betrokkene niet praat. De rechtbank is hierbij in de veronderstelling dat als het goed genoeg gaat betrokkene naar huis kan. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving.

6.De beslissing

De rechtbank:
6.1.
verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel voor
[betrokkene], geboren op [geboortedag] 2000 in [geboorteplaats] , wat inhoudt dat de maatregelen die in 5.6 staan kunnen worden toegepast;
6.2.
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met
13 maart 2026;
6.3.
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 20 februari 2026 door mr. De Beer, rechter, in aanwezigheid van mr. Willemsen, griffier en op schrift gesteld op 6 maart 2026.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.