Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Het verloop van de procedure
- betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat;
- [persoon 1] , verpleegkundig specialist/regiebehandelaar;
- [persoon 2] , verpleegkundig specialist in opleiding.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 18 februari 2026 het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging voor betrokkene, geboren in 1944, die lijdt aan een bipolaire stoornis en neurocognitieve stoornissen. Betrokkene werd bijgestaan door zijn advocaat en gaf aan geen aanleiding te zien voor verplichte zorg, mede omdat hij gelooft dat hij door God genezen is en daarom medicatie weigert.
De verpleegkundig specialist/regiebehandelaar rapporteerde dat betrokkene agressief gedrag vertoonde, waaronder bedreigingen met een broodmes en seksueel getint ongewenst gedrag. Na medicatietoediening (lithium) neemt zijn agitatie af en kan hij zich vrij buiten de accommodatie bewegen. Betrokkene werkt wel mee aan somatische zorg, maar niet aan de psychische medicatie.
De rechtbank oordeelde dat betrokkene door zijn stoornis ernstig nadeel veroorzaakt of risico loopt, waaronder lichamelijk letsel en maatschappelijke teloorgang. Omdat betrokkene niet vrijwillig meewerkt aan noodzakelijke zorg, is verplichte zorg gerechtvaardigd. De toegewezen zorgvormen zijn medicatietoediening, bewegingsbeperking en opname in een accommodatie, voor de duur van zes maanden.
De rechtbank wees andere vormen van verplichte zorg af wegens gebrek aan noodzaak en concludeerde dat er geen minder bezwarende alternatieven zijn. De beschikking is op 18 februari 2026 mondeling gegeven en op 4 maart 2026 schriftelijk vastgesteld.
Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor zes maanden met verplichte medicatie, bewegingsbeperking en opname.