ECLI:NL:RBZWB:2026:201

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
12 januari 2026
Publicatiedatum
19 januari 2026
Zaaknummer
C/02/441548/KGZA 25-573(e)
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Kort geding
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:119 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Gemeente moet inschrijver gelegenheid bieden om kleine fout in aanbesteding te herstellen

Nimble Institute B.V. heeft deelgenomen aan een aanbestedingsprocedure van de gemeente Breda waarbij zij een kleine fout maakte in het Uniform Europees Aanbestedingsdocument (UEA). Nimble had aangegeven een beroep te doen op de bekwaamheid van een derde partij, maar ook dat zij samen met diezelfde derde deelnam, wat tot onduidelijkheid leidde. De gemeente sloot Nimble uit vanwege deze fout en weigerde herstel toe te staan.

De voorzieningenrechter beoordeelde de zaak aan de hand van Europese jurisprudentie, waaronder de arresten SAG en Manova, en het materiële zorgvuldigheidsbeginsel. De gemeente had de inschrijving moeten toetsen op de materiële inhoud en nagaan of de fout zich voor herstel leent. De gemeente had om verduidelijking gevraagd, maar concludeerde dat herstel niet mogelijk was vanwege uitsluitingsclausules en beginselen als transparantie en gelijkheid.

De rechter stelde dat het evenredigheidsbeginsel vereist dat uitsluiting alleen gerechtvaardigd is als het in redelijke verhouding staat tot de ernst van het gebrek en het belang van eerlijke mededinging. Gezien de aard van de fout, het ontbreken van essentiële informatie, en het feit dat Nimble geen voordeel had ten opzichte van anderen, was uitsluiting disproportioneel. De gemeente moet Nimble de gelegenheid bieden het gebrek te herstellen door een aangepast UEA in te dienen.

De gemeente werd veroordeeld de eerdere beslissingen in te trekken, herstelmogelijkheid te bieden en een nieuwe gunningsbeslissing te nemen. Tevens werd de gemeente veroordeeld tot betaling van de proceskosten en wettelijke rente. De opdracht kon nog niet voorlopig aan Nimble worden gegund vanwege mogelijke herstelmogelijkheden voor andere inschrijvers.

Uitkomst: De gemeente moet de uitsluiting van Nimble intrekken en haar de mogelijkheid bieden het gebrek in de inschrijving te herstellen.

Uitspraak

RECHTBANK Zeeland-West-Brabant

Civiel recht
Zittingsplaats Breda
Zaaknummer: C/02/441548 / KG ZA 25-573
Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak in kort geding van 12 januari 2026
in de zaak van
NIMBLE INSTITUTE B.V.,
te Heerenveen,
eisende partij,
hierna te noemen: Nimble,
advocaat: mr. A.J. van Heeswijck,
tegen
GEMEENTE BREDA,
te Breda,
gedaagde partij,
hierna te noemen: de gemeente,
advocaten: mr. P.H.L.M. Kuypers en mr. M.A.M. Snoek.
Het kort geding wordt gehouden in het gebouw van de rechtbank in Breda.
De zaak wordt behandeld door mr. P.H.J.G. Römers, voorzieningenrechter, bijgestaan door mr. E.J. de Bruin als griffier.
Aanwezig zijn:
- namens Nimble de heer [persoon 1] , directeur, bijgestaan door mr. A.J. van Heeswijck
- namens de gemeente de heer [persoon 2] , juridisch adviseur, de heer [persoon 3] , inkoopadviseur en mevrouw [persoon 4] , inkoopadviseur. Zij werden bijgestaan door mr. P.H.L.M. Kuypers en mr. M.A.M. Snoek.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
  • de dagvaarding van 6 november 2025 met producties genummerd 1 tot en met 7,
  • de conclusie van antwoord met producties genummerd 1 tot en met 3,
  • producties van de zijde van Nimble, genummerd 8 tot en met 10,
  • de mondelinge behandeling gehouden op 12 januari 2026,
  • de pleitnota van de zijde van Nimble,
  • de spreekaantekeningen van de zijde van de gemeente.
1.2.
Partijen hebben op de zitting hun standpunten toegelicht. Vervolgens is de mondelinge behandeling gesloten en heeft de voorzieningenrechter op de zitting in aanwezigheid van partijen mondeling uitspraak gedaan.

2.De zaak in het kort

2.1.
Nimble heeft in het UEA aangekruist een beroep te doen op de bekwaamheid van
een derde voor een geschiktheidseis. Daarnaast heeft Nimble echter ook op het UEA
aangekruist dat zij samen met dezelfde derde deelneemt aan de aanbestedingsprocedure.
De gemeente heeft gesignaleerd dat de inschrijving daarmee onduidelijk is en om een toelichting gevraagd. Nimble heeft die toelichting gegeven en heeft duidelijk gemaakt dat zij alleen een beroep doet op de bekwaamheid van een derde. Dat is niet in geschil.
Daarmee rijst de vraag of de gemeente Nimble in de gelegenheid had moeten stellen het gebrek in de inschrijving te herstellen.

3.De beoordeling

Verbetering/aanvulling inschrijving
3.1.
Bij de beoordeling hiervan is de rechtspraak van het HvJ EU van belang, waaronder de arresten SAG en Manova. Volgens deze arresten kunnen de gegevens van de inschrijvingen gericht worden verbeterd of aangevuld, met name omdat deze klaarblijkelijk een eenvoudige precisering behoeven, of om kennelijke materiële fouten recht te zetten, mits deze wijziging er niet toe leidt dat in werkelijkheid een nieuwe inschrijving wordt voorgesteld. Dit kan anders zijn als het ontbrekende stuk of de ontbrekende informatie op straffe van uitsluiting niet bij de inschrijving is verstrekt. De Europese rechter ziet het bieden van de mogelijkheid tot herstel als een bevoegdheid. Dit sluit echter niet uit dat dit onder nationaal recht een verplichting kan zijn.
Zorgvuldigheidsbeginsel
3.2.
De gemeente is immers gebonden aan algemene beginselen van behoorlijk bestuur. Eén daarvan is het materiële zorgvuldigheidsbeginsel. Dat vereist dat de gemeente moet nagaan of de materiële inhoud van de inschrijving waaraan een vormfout kleeft aan de eisen voldoet en – in dat geval – of de vormfout zich voor herstel leent. Dit strookt ook met de doelstelling van aanbestedingsprocedures om overheidsopdrachten open te stellen voor mededinging (zie ECLI:NL:GHARL:2021:11450).
3.3.
Dat is ook wat de gemeente heeft gedaan: zij heeft gevraagd om verduidelijking, en de gemeente is hierbij tot de conclusie gekomen dat de fout zich niet voor herstel leent. Want, aldus de gemeente, dan zou de gemeente handelen in strijd met de uitsluitingsclausule in haar aanbestedingsdocumenten. En dat zou in strijd zijn met het transparantiebeginsel, het gelijkheidsbeginsel en de Europese jurisprudentie.
Evenredigheidsbeginsel
3.4.
Ook het evenredigheidsbeginsel is een algemeen beginsel van behoorlijk bestuur waaraan de gemeente gebonden is. Dit beginsel houdt in dat besluiten van aanbestedende diensten niet verder mogen gaan dan noodzakelijk is om het doel te bereiken. Een uitsluiting wegens een inschrijvingsgebrek is alleen gerechtvaardigd als dit in redelijke verhouding staat tot de ernst van het gebrek en het belang van de eerlijke mededinging. Dat vereist een belangenafweging.
3.5.
De volgende omstandigheden zijn bij deze afweging van belang:
- Er ontbreken geen stukken en evenmin ontbreekt essentiële informatie; alle gegevens van Nimble en Phalanxes staan in het UEA en ook Phalanxes heeft een UEA ingediend;
- Er kan objectief worden vastgesteld dat deze gegevens bij de inschrijving zijn ingediend;
- Omdat alle informatie materieel tijdig is verstrekt geniet Nimble geen voordeel ten opzichte van andere inschrijvers;
- Het gebrek raakt niet de inhoudelijke beoordeling van de inschrijving (zoals bijvoorbeeld de prijs of technische eisen);
- Het betreft een eenvoudige precisering van de inschrijving.
Conclusie
3.6.
Deze omstandigheden maken dat sprake is van een lichte fout. Het uitsluiten van de inschrijving van Nimble op basis van die kleine fout belemmert de effectieve mededinging en is daarom niet gerechtvaardigd. De gemeente had Nimble de gelegenheid moeten bieden dit gebrek te herstellen. Dit kan door Nimble de gelegenheid te bieden een aangepast UEA in te dienen. Vanwege de aard van de fout ligt deze wijze van herstel voldoende duidelijk besloten in de vordering tot herstel. De gemeente heeft terecht opgemerkt dat zij mogelijk ook andere inschrijvers nog de gelegenheid moet bieden tot herstel. De opdracht kan op dit moment om die reden nog niet voorlopig gegund worden aan Nimble. De overige geschilpunten hoeven niet te worden behandeld. Beslist wordt als volgt.
Proceskosten
3.7.
Als de in het ongelijk gestelde partij wordt de gemeente veroordeeld in de proceskosten (inclusief nakosten) van Nimble. De proceskosten van Nimble worden begroot op:
- dagvaarding € 119,40
- griffierecht € 714,00
- salaris advocaat € 1.107,00
- nakosten
€ 178,00(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Totaal € 2.118,40

4.De beslissing

De voorzieningenrechter
4.1.
gebiedt de gemeente de beslissingen van 17 oktober 2025 en 3 november 2025 in te trekken binnen zeven dagen na heden;
4.2.
gebiedt de gemeente Nimble een herstelmogelijkheid te bieden en een nieuwe gunningsbeslissing te nemen voor zover de gemeente de opdracht nog wenst te gunnen;
4.3.
veroordeelt de gemeente in de proceskosten van € 2.118,40 te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 92,00 plus de kosten van betekening als de gemeente niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend;
4.4.
veroordeelt de gemeente tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald;
4.5.
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
4.6.
wijst af het meer of anders gevorderde.
Deze mondelinge uitspraak is gewezen door mr. Römers en in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.
Dit proces-verbaal is opgemaakt en ondertekend door de voorzieningenrechter.