ECLI:NL:RBZWB:2026:2006
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling verlening omgevingsvergunning uitbreiding kamerverhuur in strijd met bestemmingsplan
Deze bestuursrechtelijke zaak betreft de verlening van een omgevingsvergunning door het college van burgemeester en wethouders van Tilburg aan vergunninghouders voor de uitbreiding van kamerverhuur in een pand van vijf naar acht personen. Eisers, omwonenden, maken bezwaar tegen deze vergunningverlening en voeren aan dat deze in strijd is met het bestemmingsplan en het gemeentelijk beleid, en dat de leefbaarheid en woonomgeving hierdoor worden aangetast.
De rechtbank stelt vast dat de aanvraag is ingediend vóór de inwerkingtreding van de Omgevingswet, waardoor de oude Wabo-regelgeving van toepassing is. Het college heeft de vergunning aanvankelijk geweigerd, maar na bezwaar alsnog verleend met toepassing van de afwijkingsbevoegdheid van het bestemmingsplan. De rechtbank oordeelt dat het college bevoegd was om af te wijken van het bestemmingsplan en dat de voorwaarde van een goede ruimtelijke ordening voldoende is onderbouwd.
De rechtbank weegt de belangen af en concludeert dat het college zorgvuldig heeft gehandeld, ook gezien het feit dat er geen nieuwe feiten of buurtparticipatie plaatsvond tussen het eerste besluit en het bestreden besluit. De gevreesde overlast en waardedaling zijn onvoldoende onderbouwd en de vergunninghouders hebben passende voorschriften gekregen. De beroepen worden ongegrond verklaard, de vergunning blijft in stand en eisers krijgen geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de beroepen ongegrond en bevestigt de verlening van de omgevingsvergunning voor uitbreiding van kamerverhuur.