ECLI:NL:RBZWB:2026:2003
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Tussenuitspraak
- L.E. Verschoor-Bergsma
- H. Skalonjic
- P.K.J. van der Wal
- Rechtspraak.nl
Heropening en schorsing van strafrechtelijk onderzoek wegens nieuwe verblijfsrechtelijke informatie
Op 19 maart 2026 heeft de rechtbank Zeeland-West-Brabant een tussenvonnis gewezen in een strafzaak tegen verdachte, die wordt verdacht van diefstal van diverse goederen bij een winkel op 1 augustus 2025.
Tijdens de beraadslaging bleek dat het onderzoek ter terechtzitting niet volledig was, omdat de officier van justitie op 12 maart 2026 nieuwe informatie over de verblijfsrechtelijke status van verdachte had verstrekt. Deze informatie, die na het sluiten van het onderzoek ter zitting werd ontvangen, gaf aan dat verdachte op 27 januari 2026 opnieuw asiel in Nederland had aangevraagd en momenteel niet verwijderbaar is, in tegenstelling tot wat de verdediging had gesteld.
De rechtbank achtte deze nieuwe feiten van belang voor de beoordeling van de zaak en besloot het onderzoek te heropenen en te schorsen, zodat de verdediging hierop kan reageren. Het onderzoek zal binnen één maand worden hervat, waarbij verdachte, zijn raadsman, een deskundige van de reclassering en een tolk worden opgeroepen. Ook wordt de benadeelde partij geïnformeerd over de hervatting van het onderzoek indien gewenst.
De rechtbank bevestigde de geldigheid van de dagvaarding, haar bevoegdheid en de ontvankelijkheid van de officier van justitie. Het vonnis werd gewezen door de meervoudige kamer onder voorzitterschap van L.E. Verschoor-Bergsma, met medewerking van de rechters H. Skalonjic en P.K.J. van der Wal, waarbij laatstgenoemde niet kon medeondertekenen.
Uitkomst: Het onderzoek wordt heropend en geschorst, met hervatting binnen één maand voor verdere behandeling.