Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 15 januari 2026 in de zaak tussen
[eiser] , uit [woonplaats] , eiser
Samenvatting
.Eiser krijgt dus geen gelijk en het beroep is dus ongegrond. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
- Hij heeft herhaaldelijk melding gemaakt van zijn financiële problemen, wat door de rechter is bevestigd. Eiser verwijst naar zijn IB aangifte van 2022 waarin een verzamelinkomen van afgerond € 12.000,- te zien is;
- De B.V. is beëindigd en hij had geen actieve en liquide middelen meer;
- Hij kan aantonen dat hij niet opzettelijk onjuist heeft gehandeld;
- Hij kon in de betreffende periode niet aan de aflosverplichting voldoen zonder in armoede te raken.