ECLI:NL:RBZWB:2026:1348
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering toegang tot Wet langdurige zorg wegens voldoende planbare zorg en zelfredzaamheid
Eiseres, bewindvoerder van betrokkene, heeft beroep ingesteld tegen het besluit van het CIZ van 12 december 2024 waarin de aanvraag voor Wlz-zorg werd afgewezen. Betrokkene lijdt aan PTSS, een persoonlijkheidsstoornis, astma/COPD en diverse lichamelijke klachten, en ontvangt ambulante begeleiding en huishoudelijke ondersteuning.
De rechtbank heeft het medisch advies van de medisch adviseur van het CIZ als zorgvuldig beoordeeld. Dit advies baseerde zich op dossieronderzoek en medische informatie van diverse behandelaars, en concludeerde dat betrokkene hoofdzakelijk planbare zorg nodig heeft en geen noodzaak bestaat voor permanent toezicht of 24-uurs zorg in de nabijheid.
Eiseres stelde dat het medisch advies onvolledig was en dat betrokkene op ongeplande momenten niet altijd adequaat hulp kan inroepen, wat een reëel risico op ernstig nadeel inhoudt. De rechtbank achtte de verklaring van de begeleider niet als medisch objectiveerbaar bewijs en hechtte meer waarde aan het medisch advies en een brief van een psycholoog die geen noodzaak tot 24-uurs zorg zag.
De rechtbank concludeerde dat betrokkene niet in aanmerking komt voor Wlz-zorg omdat de zorgbehoefte kan worden ondervangen met planbare zorg en hulp op afstand, bijvoorbeeld via een noodknop. Het beroep is ongegrond verklaard en er is geen recht op vergoeding van griffierecht of proceskosten.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit van het CIZ om geen Wlz-zorg toe te kennen is ongegrond verklaard.