ECLI:NL:RBZWB:2026:133
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van het beroep inzake niet tijdig beslissen door het UWV op bezwaar tegen wijziging van WIA-uitkering
Op 14 januari 2026 heeft de Rechtbank Zeeland-West-Brabant uitspraak gedaan in de zaak tussen Stichting [eiseres] en de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV). Eiseres heeft beroep ingesteld omdat het UWV volgens haar niet tijdig heeft beslist op het bezwaar tegen een besluit van 5 augustus 2025, dat betrekking had op een wijziging van de uitkering op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (Wet WIA) van een (ex-)werkneemster van eiseres. De rechtbank heeft vastgesteld dat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is, omdat eiseres het UWV te vroeg in gebreke heeft gesteld. De beslistermijn eindigde op 12 januari 2026, terwijl eiseres het UWV op 17 november 2025 in gebreke heeft gesteld. Hierdoor kon de rechtbank het beroep niet inhoudelijk beoordelen. De rechtbank heeft besloten het beroep niet-ontvankelijk te verklaren en er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is openbaar gemaakt op www.rechtspraak.nl.