Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Het verloop van de procedure
- een psychiater verbonden aan [accommodatie];
- een psychiater in opleiding (i.o.) verbonden aan [accommodatie];
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene verblijft sinds 28 januari 2026 onder een crisismaatregel in een zorgaccommodatie. De officier van justitie verzoekt om voortzetting van deze maatregel voor drie weken vanwege ernstig dreigend nadeel. Tijdens de zitting, gehouden op 30 januari 2026, is betrokkene gehoord, bijgestaan door haar advocaat, evenals betrokken zorgprofessionals.
Betrokkene ervaart lichamelijke en mentale problemen en wil graag naar huis, maar erkent niet de ernst van haar situatie. De psychiater en verpleegkundige rapporteren ernstige verwaarlozing, weigering van medicatie en hulpverlening, en een onhoudbare thuissituatie met een uitgeputte echtgenoot. Er is sprake van gedragsstoornissen die het risico op ernstig lichamelijk letsel, psychische schade en maatschappelijke teloorgang vergroten.
De rechtbank concludeert dat de situatie een onmiddellijke dreiging inhoudt en dat minder bezwarende alternatieven ontbreken. De toegewezen verplichte zorg omvat onder meer medicatie, medische handelingen, bewegingsbeperking en toezicht. De machtiging wordt verleend tot en met 20 februari 2026, ondanks het verzet van betrokkene, met het oog op haar veiligheid en die van haar omgeving.
Uitkomst: De rechtbank verleent de machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel voor drie weken wegens ernstig dreigend nadeel door psychische stoornissen.