ECLI:NL:RBZWB:2026:1287
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling WOZ-waarde garagebox aan de hand van vergelijkingsmethode
Belanghebbende is eigenaar van een garagebox uit 1963 met een oppervlakte van 19 m2, gelegen aan een adres in Tilburg. De heffingsambtenaar heeft de WOZ-waarde van deze garagebox per 1 januari 2024 vastgesteld op €22.000, wat tevens de basis vormde voor de aanslag onroerendezaakbelasting 2025.
Belanghebbende betwist deze waarde en stelt dat de waarde lager moet zijn, onder verwijzing naar andere garages met een lagere WOZ-waarde. De heffingsambtenaar handhaaft de waarde en baseert deze op de vergelijkingsmethode, waarbij verkoopprijzen van vergelijkbare objecten zijn gebruikt.
De rechtbank oordeelt dat de heffingsambtenaar voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de waarde niet te hoog is vastgesteld. De door belanghebbende aangedragen lagere WOZ-waarden van andere garages zijn niet relevant omdat de vergelijkingsmethode uitgaat van gerealiseerde verkoopprijzen en niet van WOZ-waarden. Ook het bezwaar over het digitale formulier wordt verworpen omdat er voldoende ruimte was om argumenten aan te voeren.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond, waardoor de beschikking en aanslag in stand blijven. Belanghebbende krijgt geen griffierecht of proceskostenvergoeding terug.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde van €22.000 wordt ongegrond verklaard en de aanslag blijft in stand.