ECLI:NL:RBZWB:2026:1134

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
18 februari 2026
Publicatiedatum
23 februari 2026
Zaaknummer
C/02/444429 FA RK 26-446
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Rekestprocedure
Rechters
  • Haerkens-Wouters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 3 Brussel II-terArt. 10:56 BW
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Uitspraak gemeenschappelijk verzoek echtscheiding met convenant en uitvoerbaarheid

Partijen, gehuwd sinds 1982 op Curaçao en beiden Nederlands staatsburger, hebben gezamenlijk een verzoek tot echtscheiding ingediend bij de rechtbank Zeeland-West-Brabant. De rechtbank is bevoegd en past Nederlands recht toe. Er heeft geen zitting plaatsgevonden.

De rechtbank stelt vast dat het huwelijk duurzaam is ontwricht, waardoor partijen niet langer samen kunnen leven als echtgenoten. Partijen hebben een convenant opgesteld waarin zij hun onderlinge afspraken hebben vastgelegd. Dit convenant wordt integraal onderdeel van de beschikking.

De rechtbank verklaart de beschikking uitvoerbaar bij voorraad, zodat de afspraken ook gelden tijdens eventuele hoger beroepsprocedures, met uitzondering van de echtscheiding zelf. De echtscheiding wordt pas definitief bij inschrijving in de registers van de burgerlijke stand. Het verzoek tot meer of andersluidende beslissingen wordt afgewezen.

Tegen deze beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof ’s-Hertogenbosch, waarvoor een advocaat nodig is. De procedure is schriftelijk verlopen zonder zitting.

Uitkomst: De rechtbank spreekt de echtscheiding uit en neemt het convenant op, met uitvoerbaarheid bij voorraad behalve voor de echtscheiding zelf.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht
Locatie Breda
Zaaknummer: C/02/444429 / FA RK 26-446
Datum uitspraak: 18 februari 2026
Beschikking echtscheiding
in de zaak van
[de vrouw],
hierna te noemen de vrouw,
wonend in [woonplaats 1] ,
advocaat mr. M.M.H.B. Stoffels uit Zevenbergen,
en
[de man],
hierna te noemen de man,
wonend in [woonplaats 2] ,
advocaat mr. M.M.H.B. Stoffels uit Zevenbergen.

1.Het verloop van de procedure

1.1.
De rechtbank neemt mee in de beoordeling:
- het verzoekschrift van partijen met bijlage(n), ontvangen op 23 januari 2026.
1.2.
Een zitting heeft niet plaatsgevonden.

2.Wat vaststaat

2.1.
Partijen zijn met elkaar gehuwd op [datum] 1982 op Curaçao. In de Basisregistratie personen (Brp) staat bij de vrouw vermeld dat zij op 10 oktober 1982 is gehuwd met de man. Op grond van de ingediende huwelijksakte en de Brp-gegevens van de man gaat de rechtbank uit van [datum] 1982 als huwelijksdatum.
2.2.
Partijen hebben de Nederlandse nationaliteit.

3.De beoordeling

De bevoegdheid van de rechtbank en het recht dat van toepassing is
3.1.
De rechtbank is bevoegd te beslissen op de verzoeken van partijen en Nederlands recht is van toepassing. [1]
Echtscheiding
3.2.
De rechtbank spreekt de echtscheiding tussen partijen uit zoals verzocht, omdat partijen vinden dat hun huwelijk duurzaam is ontwricht. Dat betekent dat zij niet samen verder kunnen als echtgenoten.
Opname convenant
3.3.
Partijen hebben onderling een regeling getroffen die is vermeld in het convenant. De rechtbank zal, conform het verzoek, bepalen dat het convenant deel uitmaakt van deze beschikking.
Uitvoerbaar bij voorraad
3.4.
Partijen verzoeken de rechtbank de beschikking voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad te verklaren. Dat betekent dat deze blijft gelden, ook als iemand het er niet mee eens is en in hoger beroep gaat. De rechtbank wijst dit verzoek toe, behalve voor de echtscheiding. De echtscheiding kan de rechtbank niet uitvoerbaar bij voorraad verklaren, omdat het huwelijk pas eindigt op het moment dat deze beschikking wordt ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand.

4.De beslissing

De rechtbank:
4.1.
spreekt de echtscheiding uit tussen partijen, gehuwd op [datum] 1982 op Curaçao;
4.2.
bepaalt dat de onderling getroffen regeling in het convenant als in de beschikking opgenomen moet worden beschouwd onder verwijzing naar de als bijlage ingevoegde scan van het convenant;
4.3.
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad, behalve de beslissing onder 4.1.;
4.4.
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is gegeven door mr. Haerkens-Wouters, rechter en in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van Block, griffier op 18 februari 2026.
Tegen de eindbeslissingen in deze beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch. Hiervoor is een advocaat nodig. Wie kunnen hoger beroep instellen:
- de verschenen partij(en), binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
- de niet verschenen partij(en), binnen drie maanden na de betekening van de beschikking aan hem/haar in persoon of binnen drie maanden nadat deze op een andere manier is betekend en openbaar is gemaakt door het plaatsen van een uittreksel van de beschikking in de Staatscourant.

Voetnoten

1.Echtscheiding: art. 3 Brussel Pro II-ter en art. 10:56 BW Pro.