Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Jeugdbescherming Brabant,
1.Het (verdere) verloop van de procedure
- een vertegenwoordiger van de GI;
- de begeleiders van [minderjarige] vanuit [hulpverlening] .
De feiten
3.De verzoeken
4.De standpunten
5.De (nadere) beoordeling
allebetrokken partijen en dat ook de uitvoerende instanties in de uitoefening van hun taken rekening zullen moeten houden met de uitgangspunten van het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind (IVRK) waaruit blijkt dat bij het nemen van
iederebeslissing het belang van het kind de eerste overweging moet zijn (artikel 3 lid Pro 1).
6.De beslissing
- degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
- andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.