ECLI:NL:RBZWB:2025:9750

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
2 december 2025
Publicatiedatum
23 januari 2026
Zaaknummer
RK 25-018092
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Op tegenspraak
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 94 SvArt. 116 SvArt. 552a SvArt. 552d SvArt. 33a lid 2 Sr
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Gegrond verklaard klaagschrift en teruggave van inbeslaggenomen auto wegens ontbreken strafvorderlijk belang

Op 1 juli 2025 werd een personenauto, merk Toyota Yaris, in beslag genomen onder klager. Klager stelt eigenaar te zijn van de auto en voert aan geen betrokkenheid te hebben bij de vermeende drugshandel waarvoor zijn zoon wordt verdacht. Na de eigendomsoverdracht betaalt klager de wegenbelasting en verzekering en is de zoon niet meer met de auto gezien.

Het klaagschrift strekt tot opheffing van het beslag en teruggave van de auto. De officier van justitie erkent dat klager als eigenaar kan worden beschouwd en dat het strafvorderlijk belang bij het voortduren van het beslag is komen te vervallen.

De rechtbank oordeelt dat er geen strafvorderlijk belang meer bestaat en dat geen ander redelijkerwijs als rechthebbende kan worden aangemerkt. Daarom verklaart de rechtbank het klaagschrift gegrond en gelast de teruggave van de auto aan klager.

De beslissing is genomen door de enkelvoudige raadkamer van de rechtbank Zeeland-West-Brabant op 2 december 2025. Tegen deze beslissing staat beroep in cassatie open bij de Hoge Raad.

Uitkomst: Het klaagschrift wordt gegrond verklaard en de inbeslaggenomen auto wordt aan klager teruggegeven wegens het ontbreken van strafvorderlijk belang.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Strafrecht
Zittingsplaats Breda
raadkamernummer : 25-018092
datum : 2 december 2025
beslissing van de enkelvoudige raadkamer op het beklag op grond van artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering (Sv) van:
[klager] ,
geboren op [datum] 1974 te [plaats 1] (Marokko),
woonplaats kiezend op het kantoor van mr. T. Roggenkamp, advocaat te Roosendaal (Molenstraat 10, 4701 JS Roosendaal),
hierna te noemen: klager.

1.De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit de volgende stukken:
  • het klaagschrift op grond van artikel 552a Sv, ingediend op 10 juli 2025 ter griffie van deze rechtbank;
  • de kennisgeving van inbeslagneming op grond van artikel 94 Sv Pro, waaruit blijkt op 1 juli 2025 onder klager een personenauto, merk Toyota Yaris, [kenteken] in beslag is genomen (hierna: de auto);
  • de schriftelijke reactie van het Openbaar Ministerie en
  • de overige stukken uit het bijbehorende raadkamerdossier met voornoemd raadkamernummer.
Op 4 november 2025 heeft het onderzoek door de raadkamer plaatsgevonden. Hierbij zijn de officier van justitie mr. C.P.G. Tax en mr. T. Roggenkamp als gemachtigd advocaat van klager, gehoord.
Klager is behoorlijk opgeroepen, maar niet bij de behandeling van het klaagschrift verschenen.
Het klaagschrift strekt tot opheffing van het beslag met last tot teruggave aan klager. Daartoe is aangevoerd dat klager eigenaar is van de op 1 juli 2025 onder hem inbeslaggenomen auto. Hij had geen enkele wetenschap van de vermeende handel in verdovende middelen waarvan zijn zoon wordt verdacht en hem kan daarvan dus ook geen verwijt worden gemaakt. De auto is na deze periode overgeschreven op naam van klager. Uit bankafschriften blijkt dat klager vanaf dat moment ook de wegenbelasting en de verzekering betaalt. De politie heeft ook geverbaliseerd dat de zoon nadien niet meer in deze auto is gezien, zodat mede op grond daarvan vastgesteld kan worden dat de auto nu van klager is. Met inachtneming van artikel 33a, lid 2, Wetboek van Strafrecht (Sr) acht klager het hoogst onwaarschijnlijk dat de auto verbeurdverklaard zal worden. Klager heeft een zwaarwegend belang bij teruggave van de auto nu hij deze nodig heeft voor zijn werk [werkgever] in [plaats 2] .
De officier van justitie heeft zich in raadkamer op het standpunt gesteld dat klager als eigenaar van de auto kan gelden en dat de auto aan hem kan worden teruggegeven, nu de auto nadat klager eigenaar daarvan is geworden, niet gerelateerd kan worden aan de handel in drugs.

2.De beoordeling

De raadkamer van de rechtbank is bevoegd tot afdoening van het klaagschrift.
Het klaagschrift is tijdig ingediend en klager is ontvankelijk in zijn beklag.
Bij de beoordeling stelt de rechtbank voorop dat het onderzoek in raadkamer een summier karakter heeft. Dat betekent dat van de rechter niet kan worden gevraagd ten gronde in de mogelijke uitkomst van een nog te voeren hoofdzaak of ontnemingsprocedure te treden.
De rechtbank overweegt over het klaagschrift tegen het strafvorderlijk beslag dat is gelegd op grond van artikel 94 Sv Pro als volgt.
Volgens vaste jurisprudentie van de Hoge Raad, moet de rechter, bij een op grond van artikel 94 Sv Pro gelegd beslag:
a. beoordelen of het belang van strafvordering het voortduren van het beslag vordert, en zo nee,
b. de teruggave van het inbeslaggenomen voorwerp gelasten aan de beslagene, tenzij een ander redelijkerwijs als rechthebbende van dat voorwerp moet worden beschouwd.
In dit laatste geval moet het klaagschrift van de beslagene ongegrond worden verklaard.
Op grond van artikel 116, eerste lid, Sv laat het Openbaar Ministerie de in beslag genomen voorwerpen teruggeven aan de beslagene, zodra het belang van strafvordering zich daartegen niet meer verzet. Dit betekent het volgende. Als het Openbaar Ministerie zich op het standpunt stelt dat er geen strafvorderlijk belang meer is bij het voortduren van het beslag, dan moet de rechter ervan uitgaan dat het standpunt juist is.
De officier van justitie heeft zich in raadkamer op het standpunt gesteld dat het strafvorderlijk belang zich niet langer verzet tegen teruggave van de inbeslaggenomen auto aan klager.
Nu er geen strafvorderlijk belang meer bestaat bij het voortduren van het beslag en de rechtbank niet is gebleken dat een ander dan klager redelijkerwijs als rechthebbende van de auto is aan te merken, zal de rechtbank het klaagschrift tegen het artikel 94 Sv Pro beslag gegrond verklaren en de teruggave van de auto aan klager gelasten.

3.De beslissing

De rechtbank
- verklaart het klaagschrift gegrond en gelast de teruggave van de Toyota Yaris met [kenteken] aan klager.
Deze beslissing is genomen door mr. M.H.M. Collombon, rechter, in tegenwoordigheid van
mr. S.H.M.R. Chevalier-Verbunt, griffier, en is uitgesproken op de openbare zitting van 2 december 2025.
De griffier is niet in de gelegenheid om de beslissing mede te ondertekenen.
INFORMATIE RECHTSMIDDEL
Tegen deze beslissing kan door het Openbaar Ministerie binnen veertien dagen na dagtekening van deze beslissing en door de klager binnen veertien dagen na de betekening van deze beslissing
beroep in cassatieworden ingesteld bij de Hoge Raad der Nederlanden te 's-Gravenhage (artikel 552d lid 2 Wetboek van Strafvordering).