Uitspraak
1.De procedure
- de akte van [eiser]
- de akte van Uitwaard.
2.Samenvatting
3.De (verdere) beoordeling
4.De beslissing
woensdag 12 maart 2025voor het nemen van een akte door beide partijen over wat is vermeld onder 3.6,
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
In deze civiele zaak tussen eiser en autobedrijf Uitwaard heeft de kantonrechter een eerdere bindende eindbeslissing heroverwogen. In het tussenvonnis van augustus 2024 was aangenomen dat over de aanwezigheid van klachten aan de auto geen discussie bestond. Gedaagde heeft echter gesteld dat zij de klachten destijds niet heeft waargenomen en betwist dat deze aanwezig waren.
De kantonrechter legt uit dat een bindende eindbeslissing een zonder voorbehoud gegeven oordeel is dat partijen en de rechter in dezelfde procedure bindt. Als blijkt dat deze beslissing berust op een onjuiste feitelijke grondslag, kan de rechter deze heroverwegen om een ondeugdelijke einduitspraak te voorkomen.
Gezien de nieuwe stellingen van gedaagde acht de kantonrechter een heroverweging op zijn plaats. Partijen krijgen daarom eerst de gelegenheid om zich uit te laten over dit voornemen. De zaak wordt aangehouden tot na ontvangst van deze akten.
De procedure wordt hervat op 12 maart 2025, waarna verdere beslissingen zullen volgen. Dit vonnis is gewezen door kantonrechter Zander en op 19 februari 2025 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De kantonrechter heroverweegt de bindende eindbeslissing en houdt de zaak aan tot partijen zich hebben uitgelaten.