ECLI:NL:RBZWB:2025:9539

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
4 december 2025
Publicatiedatum
8 januari 2026
Zaaknummer
11414563 MB VERZ 24-904
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep tegen verkeersboete wegens niet dragen autogordel niet gegrond

In deze zaak heeft de kantonrechter van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant op 4 december 2025 uitspraak gedaan in een beroep tegen een verkeersboete. Betrokkene had een boete ontvangen voor het niet dragen van een autogordel op de Rijksweg A4/A58 te Bergen op Zoom op 3 oktober 2023. Betrokkene heeft tegen de opgelegde boete beroep ingesteld bij de officier van justitie, die het beroep ongegrond verklaarde. Hierop heeft betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.

Tijdens de zitting op 4 december 2025 heeft betrokkene aangevoerd dat hij wel degelijk zijn autogordel droeg. Hij stelde dat de zonwering op zijn auto de zichtbaarheid van de gordel voor de verbalisant heeft belemmerd. Daarnaast heeft hij een gordelwaarschuwingsysteem in zijn voertuig, dat een piep geeft als de gordel niet is vastgemaakt. Betrokkene voegde toe dat hij een zwart vest droeg, waardoor het moeilijk te zien was dat hij de gordel droeg.

De zittingsvertegenwoordiger van de officier van justitie heeft betoogd dat de verbalisanten expliciet hebben gelet op het gebruik van de gordel en dat de gedraging dus wel degelijk heeft plaatsgevonden. De kantonrechter heeft echter geoordeeld dat niet is komen vast te staan dat de gedraging heeft plaatsgevonden. De rechter heeft de foto’s van betrokkene in overweging genomen, waaruit blijkt dat de autoruiten zijn voorzien van zonwering, wat de waarneming van de verbalisanten kan hebben beïnvloed.

De kantonrechter heeft het beroep gegrond verklaard, de beslissing van de officier van justitie en de boete vernietigd, en bepaald dat het bedrag van € 169,- dat betrokkene als zekerheid heeft betaald, door de officier van justitie moet worden terugbetaald. Tegen deze beslissing is geen hoger beroep mogelijk.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Team strafrecht
Zittingsplaats Bergen op Zoom
zaaknummer : 11414563 \ MB VERZ 24-904
CJIB-nummer : [CJIB-nummer]
uitspraakdatum : 4 december 2025
proces-verbaal van de zitting en uitspraak op een beroep op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv)
in de zaak van
naam :
[betrokkene]
adres : [adres]
woonplaats : [woonplaats]
hierna: betrokkene

Verloop van de procedure

Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De zaak is behandeld op de zitting van 4 december 2025. Namens de officier van justitie is verschenen D. van der Teen (hierna: zittingsvertegenwoordiger). Betrokkene is ook verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.

Standpunten

De gedraging waarvoor de boete is opgelegd luidt, kort omschreven: als bestuurder of passagier geen gebruik maken van een autogordel op de Rijksweg A4/A58 te Bergen op Zoom op 3 oktober 2023 om 15.39 uur.
Betrokkene heeft in het beroepschrift samengevat aangevoerd dat de gedraging niet is verricht. Betrokkene droeg zijn autogordel. De auto van betrokkene is voorzien van zonwering op de achterruit en zijruiten, waardoor de verbalisant deze misinterpretatie heeft kunnen doen. Daarnaast bevat het voertuig van betrokkene een gordelwaarschuwingsysteem, waarbij een piep te horen is indien geen gebruik wordt gemaakt van de gordel. Ter zitting heeft betrokkene hieraan toegevoegd dat hij een zwart vest droeg, waardoor het niet goed zichtbaar was dat betrokkene gebruik maakte van de autogordel. Ook zakt de gesp van de gordel enigszins, waardoor deze bovenin niet zichtbaar kon zijn geweest.
De zittingsvertegenwoordiger heeft verzocht het beroep ongegrond te verklaren en heeft daartoe het volgende aangevoerd. Uit de verklaring van de verbalisanten blijkt dat zij expliciet hebben gekeken of betrokkene gebruik heeft gemaakt van de gordel. Hierdoor kan worden vastgesteld dat de gedraging is verricht.

Overwegingen

De kantonrechter is van oordeel dat niet is komen vast te staan dat de gedraging is verricht. Daarbij is van belang dat betrokkene met foto’s heeft aangetoond dat de autoruiten zijn voorzien van zonwering. Hierdoor is de kantonrechter er niet van overtuigd dat de gedraging vanaf de achterkant van het voertuig goed zou zijn vast te stellen.
Dit betekent dat de boete ten onrechte is opgelegd.
Het beroep is daarom gegrond. De beschikking waarbij de boete is opgelegd en de beslissing van de officier van justitie zullen worden vernietigd. Het bedrag dat betrokkene aan zekerheid heeft betaald moet door de officier van justitie worden terugbetaald.

Beslissing

De kantonrechter:
‒ verklaart het beroep gegrond;
‒ vernietigt de bestreden beslissing van de officier van justitie en de beschikking waarbij de boete is opgelegd;
‒ draagt de officier van justitie op het bedrag van € 169,- dat betrokkene als zekerheidstelling heeft betaald, aan betrokkene terug te betalen.
Deze uitspraak is gedaan door mr. S.W.M. Speekenbrink, kantonrechter, bijgestaan door de griffier E.H. de Vries, en in het openbaar uitgesproken op 4 december 2025.
Tegen deze beslissing is geen hoger beroep mogelijk.
Datum verzending: