Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
In deze zaak heeft de kantonrechter van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant op 4 december 2025 uitspraak gedaan in een beroep tegen een verkeersboete. Betrokkene had een administratieve sanctie opgelegd gekregen voor het negeren van een rood verkeerslicht op de kruising Gagelboslaan/Rooseveltlaan te Bergen op Zoom op 16 januari 2024. Betrokkene, die in opdracht van de gemeente Bergen op Zoom werkt, voerde aan dat de boete niet redelijk was gezien de omstandigheden waaronder de gedraging had plaatsgevonden. Hij had een ontheffing om met een voertuig op fiets- en voetpaden te rijden en stelde dat de verkeerssituatie onoverzichtelijk was, waardoor hij het stoplicht niet goed kon zien. Tijdens de zitting heeft de gemachtigde van betrokkene de verkeerssituatie toegelicht met behulp van een plattegrond.
De zittingsvertegenwoordiger van de officier van justitie heeft verzocht het beroep ongegrond te verklaren, maar de kantonrechter oordeelde dat niet was komen vast te staan dat de gedraging had plaatsgevonden. De kantonrechter hechtte waarde aan de uitleg van de gemachtigde en concludeerde dat de waarneming van de verbalisant mogelijk onjuist was. Daarom werd het beroep gegrond verklaard, de boete vernietigd en werd de officier van justitie opgedragen het betaalde bedrag van € 234,- aan betrokkene terug te betalen. Deze uitspraak is gedaan door mr. S.W.M. Speekenbrink, kantonrechter, en is in het openbaar uitgesproken op 4 december 2025. Tegen deze beslissing is geen hoger beroep mogelijk.