ECLI:NL:RBZWB:2025:9253

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
18 december 2025
Publicatiedatum
24 december 2025
Zaaknummer
02-238930-23
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedures
  • Op tegenspraak
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Wijziging van bijzondere voorwaarden in het kader van terbeschikkingstelling

Op 18 december 2025 heeft de Rechtbank Zeeland-West-Brabant een beslissing genomen over de wijziging van de bijzondere voorwaarden van een betrokkene die ter beschikking is gesteld. De rechtbank had eerder op 25 september 2024 de terbeschikkingstelling gelast vanwege ernstige misdrijven, waaronder ontucht met minderjarigen en het in bezit hebben van kinderpornografisch materiaal. De tbs is ingegaan op 14 februari 2025. Op 18 november 2025 heeft het openbaar ministerie een vordering ingediend tot wijziging van de voorwaarden, die op 18 december 2025 is behandeld. De officier van justitie, mr. L.J. den Braber, heeft de vordering toegelicht, en de betrokkene, bijgestaan door zijn raadsman mr. H. Mink, heeft ingestemd met de wijziging van de voorwaarden. De reclassering heeft geadviseerd om de opname in een zorginstelling niet te beperken tot een jaar, omdat verdere behandeling noodzakelijk is voor een veilige uitstroom. De rechtbank heeft dit advies overgenomen en de voorwaarden gewijzigd, zodat de opname in de kliniek voortgezet kan worden zolang de behandelaren en reclassering dat nodig achten. De rechtbank heeft ook aanvullende voorwaarden gesteld met betrekking tot het gedrag van de betrokkene, waaronder het melden bij de reclassering en het vermijden van contact met minderjarigen. De beslissing is genomen door een meervoudige kamer en is openbaar uitgesproken.

Uitspraak

Rechtbank ZEELAND-WEST-BRABANT
Strafrecht
Zittingsplaats: Middelburg
Parketnummer: 02-238930-23
Beslissing van de meervoudige kamer van 18 december 2025 met betrekking tot de terbeschikkingstelling van:
[betrokkene] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag 1] 2002,
verblijvende in FPK [locatie] , [adres] ,
hierna: betrokkene,
raadsman mr. H. Mink, advocaat te Oost-Souburg.

1.Inleiding

Bij vonnis van deze rechtbank van 25 september 2024 is de terbeschikkingstelling (hierna: tbs) van betrokkene gelast waarbij de in het vonnis vermelde voorwaarden zijn gesteld.
De tbs is gelast ter zake van:
(1) met iemand met iemand beneden de leeftijd van zestien jaren buiten echt ontuchtige handelingen plegen, meermalen gepleegd en
(2) een gegevensdrager bevattende een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, heeft verworven, in bezit hebben, meermalen gepleegd.
De rechtbank constateert dat het hier gaat om een misdrijf als bedoeld in artikel 38e, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht.
De termijn van de tbs is aangevangen op 14 februari 2025.

2.Procesverloop

De rechtbank heeft op 18 november 2025 van het openbaar ministerie een vordering ontvangen tot wijziging van de voorwaarden betreffende het gedrag van betrokkene.
De vordering is op de openbare terechtzitting van 18 december 2025 behandeld. De officier van justitie, mr. mr. L.J. den Braber, is gehoord. Tevens is betrokkene gehoord, bijgestaan door zijn raadsman. Voorts is als deskundige gehoord [persoon 1] namens Reclassering Nederland.

3.Adviezen

3.1.
Advies reclassering
De reclassering adviseert in het rapport van 16 oktober 2025 het toezicht voort te zetten met een verandering van de bijzondere voorwaarden. De huidige formulering van de voorwaarde ‘opname in een zorginstelling’ is onvoldoende om te kunnen werken aan gedragsverandering en risicobeperking. De reclassering adviseert de voorwaarde te wijzigen in die zin dat waar staat “De opname duurt een jaar of zoveel korter als de reclassering nodig vindt” dit wordt gewijzigd in “De opname duurt zolang de behandelaren en reclassering dat nodig vinden”.
Betrokkene heeft tijdens het verblijf in de instelling zijn volledige medewerking verleend aan het aangeboden behandelaanbod en zich aan afspraken gehouden. Betrokkene staat in goed contact met de behandelaren en sociotherapeuten. Verdere behandeling en uitbreiding van vrijheden dient gefaseerd en gecontroleerd te gebeuren om de risico’s te kunnen blijven managen en terug te brengen tot een lager niveau om het vervolgtraject ambulant voort te kunnen zetten. Volgens het hoofd behandeling in de instelling is dit niet haalbaar binnen de gestelde termijn van een jaar. Volgens de behandelaar heeft betrokkene duidelijke vooruitgang geboekt op het gebied van openheid, zelfreflectie en emotieregulatie, maar bevindt hij zich nog in een ontwikkelingsfase waarin verdere verdieping en stabilisatie noodzakelijk zijn. De huidige groei in inzicht en gedragsverandering is positief, maar nog te kwetsbaar om te kunnen spreken van duurzaam risicomanagement. De onderliggende dynamieken van zijn problematiek vragen om langdurige begeleiding binnen een gestructureerde en beschermde omgeving. Daarnaast is betrokkene nog lerende in het herkennen en tijdig bespreken van spanningen en risicosituaties. Verdere oefening in zelfcontrole, zelfstandigheid en het behouden van openheid bij toenemende vrijheden is noodzakelijk. Ook het proces van identiteitsontwikkeling en het versterken van zijn eigenheid is nog niet voltooid en vraagt om voortzetting van behandeling binnen een klinisch kader. Gelet op de complexiteit van de problematiek, de kwetsbaarheid van de tot nu toe behaalde vooruitgang en de noodzaak van gecontroleerde uitbreiding van vrijheden, kan de klinische behandeling in redelijkheid niet binnen één jaar worden afgerond. Een verlengde klinische behandelperiode is aangewezen om de ingezette ontwikkeling te bestendigen, terugval te voorkomen en toe te werken naar een stabiele en veilige uitstroom naar een vervolgsetting.
Ter zitting heeft de deskundige daaraan toegevoegd dat het lastig is een concreet tijdspad aan te geven. De klinische behandeling wordt nu binnen een FPK voortgezet. Het doel is dat betrokkene uitstroomt naar een FPA met een uitbreiding van vrijheden, maar daarvoor is ook een klinische opname met betrokkenheid van behandelaars nodig. Het is niet haalbaar dat binnen de termijn van een jaar – dus voor 14 februari 2026 – van de grond te krijgen. Daarbij moeten ook de recente ontwikkelingen worden benoemd. Er zijn foto’s van een slachtoffer gevonden die nog op de telefoon van betrokkene stonden. De behandeling gaat zich richten op het verkrijgen van zicht op hoe ver hij in het proces van behandeling is. Verdere klinische behandeling is daarom nodig.

4.Standpunt van partijen

4.1.
Standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie is ter zitting bij de vordering tot wijziging van de voorwaarden gebleven.
4.2.
Het standpunt van de verdediging
Betrokkene en de raadsman hebben zich niet verzet tegen wijziging van de voorwaarden zoals gevorderd door de officier van justitie. Betrokkene voelt zich goed in de behandelsetting en heeft vertrouwen in de behandelaars. Als de opname niet meer in duur wordt beperkt, komt de stip op de horizon voor betrokkene te vervallen. Desondanks stemt hij er wel mee in dat de opname langer kan duren, omdat hij inziet dat er nog voldoende werk is te verrichten en een volledige behandeling zo secuur mogelijk gedaan moet worden. Het heeft de voorkeur het goed te doen in plaats van snel, zodat ook het resultaat goed is.

5.Beoordeling

Bij het vonnis van de rechtbank van 25 september 2024 zijn aan betrokkene onder andere de volgende voorwaarde betreffende zijn gedrag gesteld:
* dat verdachte zich laat opnemen in een kliniek gespecialiseerd op het gebied van zeden.
Waar verdachte uiteindelijk zal worden geplaatst is nader te bepalen door de justitiële
instantie die verantwoordelijk is voor plaatsing. De opname start aansluitend aan een
eventuele periode van detentie of de huidige preventieve hechtenis. De opname duurt een
jaar of zoveel korter als de reclassering nodig vindt. Verdachte houdt zich aan de huisregels
en de aanwijzingen die de zorginstelling geeft voor de behandeling. Gelet op de
problematiek kan hieronder ook het innemen van medicijnen vallen, als de zorginstelling dat
nodig vindt. Als de reclassering een overgang naar ambulante zorg, begeleid wonen of
maatschappelijke opvang gewenst vindt, werkt verdachte mee aan de indicatiestelling en
plaatsing.
Uit de inlichtingen van de reclassering volgt dat de klinische behandeling niet binnen een jaar kan worden afgerond, gelet op de complexiteit van de problematiek, de kwetsbaarheid van de tot nu toe behaalde vooruitgang en de noodzaak van gecontroleerde uitbreiding van vrijheden. De rechtbank is gelet daarop van oordeel dat de gestelde voorwaarde dient te worden gewijzigd in die zin dat de opname niet wordt beperkt tot de duur van een jaar, maar duurt zolang de behandelaren en reclassering dat nodig vinden.
De rechtbank zal de bijzondere voorwaarden dus als volgt wijzigen.

6.Beslissing

De rechtbank:
wijzigtde eerdergestelde voorwaarden, zodat deze nu luiden:
* dat verdachte zich niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
* dat verdachte meewerkt aan het reclasseringstoezicht. Deze medewerking houdt onder
andere in:
- verdachte meldt zich op afspraken bij de reclassering. De reclassering bepaalt hoe vaak dat
nodig is;
- verdachte laat een of meer vingerafdrukken nemen en laat een geldig identiteitsbewijs
zien. Dit is nodig om de identiteit van verdachte vast te stellen;
- verdachte houdt zich aan de aanwijzingen van de reclassering. De reclassering kan
aanwijzingen geven die nodig zijn voor de uitvoering van het toezicht of om betrokkene te
helpen bij het naleven van de voorwaarden;
- verdachte helpt de reclassering aan een actuele foto waarop zijn gezicht herkenbaar is.
Deze foto is nodig voor opsporing bij ongeoorloofde afwezigheid;
- verdachte werkt mee aan huisbezoeken;
- verdachte geeft de reclassering inzicht in de voortgang van begeleiding en/of behandeling
door andere instellingen of hulpverleners;
- verdachte vestigt zich niet op een ander adres zonder toestemming van de reclassering;
- verdachte werkt mee aan het uitwisselen van informatie met personen en instanties die
contact hebben met hem, als dat van belang is voor het toezicht;
* dat, als de reclassering dat nodig vindt, verdachte voor een time-out kan worden
opgenomen in een Forensisch Psychiatrisch Centrum (FPC) of andere instelling. Deze time­
out duurt totdat de reclassering of verdachte deze beëindigt, maar maximaal zeven weken,
met de mogelijkheid van verlenging met nog eens maximaal zeven weken, tot maximaal
veertien weken per jaar;
* dat verdachte niet naar het buitenland of het Caribisch deel van het Koninkrijk der
Nederlanden gaat, zonder toestemming van de reclassering;
* dat verdachte zich laat opnemen in een kliniek gespecialiseerd op het gebied van zeden.
Waar verdachte uiteindelijk zal worden geplaatst is nader te bepalen door de justitiële
instantie die verantwoordelijk is voor plaatsing. De opname start aansluitend aan een
eventuele periode van detentie of de huidige preventieve hechtenis.
De opname duurt zolang de behandelaren en reclassering dat nodig vinden.Verdachte houdt zich aan de huisregels en de aanwijzingen die de zorginstelling geeft voor de behandeling. Gelet op de
problematiek kan hieronder ook het innemen van medicijnen vallen, als de zorginstelling dat
nodig vindt. Als de reclassering een overgang naar ambulante zorg, begeleid wonen of
maatschappelijke opvang gewenst vindt, werkt verdachte mee aan de indicatiestelling en
plaatsing;
* dat verdachte zich laat behandelen door de Waag of een soortgelijke zorgverlener, te
bepalen door de reclassering. De behandeling duurt zolang de reclassering dat nodig vindt.
Verdachte houdt zich aan de huisregels en de aanwijzingen die de zorgverlener geeft voor
de behandeling. Gelet op de problematiek kan hieronder ook het innemen van medicijnen
vallen, als de zorgverlener dat nodig vindt;
* dat verdachte op geen enkele wijze - direct of indirect - contact heeft of zoekt met het
gezin [familienaam] :
- [persoon 2] (geboren op [geboortedag 2] 2009);
- [persoon 3] (geboren op [geboortedag 3] 2011);
- [persoon 4] (geboren op [geboortedag 4] 2014);
- [persoon 5] (geboren op [geboortedag 5] 2017):
- [persoon 6] (geboren in 2021);
- [persoon 7] (geboren op [geboortedag 6] 1981): en
- [persoon 8] (geboren op [geboortedag 7] 1982);
zolang het Openbaar Ministerie dit verbod nodig vindt;
* dat verdachte op geen enkele wijze contact zoekt met minderjarigen. Hij vermijdt deze
contacten zoveel mogelijk. Als contacten onvermijdelijk zijn, zorgt verdachte dat hierbij
altijd een derde persoon aanwezig is. Aan wie deze taak toe te vertrouwen is zal tijdens de
behandeling nader worden besproken en vast worden gelegd in een terugvalpreventie/
signaleringsplan;
* dat verdachte vermijdt dat hij in aanraking komt met kinderpornografisch materiaal en
vermijdt dat er kinderpornografisch materiaal op zijn digitale gegevensdragers komt.
Verdachte onthoudt zich op welke wijze dan ook van:
- het seksueel getint communiceren met minderjarigen;
- het bezoeken van een digitale omgeving waarin kinderpornografisch materiaal kan worden
verkregen;
- het bezoeken van een digitale omgeving waarin over seksuele handelingen met
minderjarigen wordt gecommuniceerd.
Verdachte bespreekt tijdens de gesprekken met de reclassering hoe hij denkt dit gedrag te
voorkomen. Verdachte werkt mee aan controle van digitale gegevensdragers tijdens een
huisbezoek. Verdachte verschaft toegang tot alle aanwezige computers, smartphones en
andere digitale gegevensdragers waarop afbeeldingen kunnen worden opgeslagen of
waarmee het internet kan worden benaderd. Verdachte verstrekt de wachtwoorden die nodig
zijn voor deze controle. De controle op digitale gegevensdragers vindt maximaal drie keer
per jaar plaats. De controle is gericht op de vraag of verdachte kinderpornografisch
materiaal vermijdt. De controle strekt er niet toe een beeld te krijgen van het persoonlijke
leven van verdachte. De reclassering kan voor technische ondersteuning een deskundige
meenemen, ook als dit een opsporingsambtenaar is die deskundig is op digitaal gebied. Bij
de controle kan gebruik worden gemaakt van een hulpmiddel dat een indicatie geeft of
kinderpornografisch materiaal aanwezig is.
Deze beslissing is genomen door mr. L.W. Boogert, voorzitter,
en mr. G.H. Nomes en mr. H. Skalonjic, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. E.J. van der Welle, griffier en is uitgesproken ter openbare zitting op 18 december 2025.
De jongste rechter is buiten staat deze beslissing mede te ondertekenen.