Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.De procedure
[minderjarige], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 2016.
3.De vorderingen in conventie en reconventie
- Primair de zorgregeling tussen de man en [minderjarige] te schorsen;
- Subsidiair een tijdelijke zorgregeling tussen de man en [minderjarige] vast te stellen, inhoudende dat de man en [minderjarige] één keer per twee weken drie uur omgang met elkaar hebben onder begeleiding van een onafhankelijke derde (instantie);
- Meer subsidiair een tijdelijke zorgregeling tussen de man en [minderjarige] vast te stellen, inhoudende dat de man en [minderjarige] op één zaterdag per twee weken van 12:00 uur tot 15:00 uur omgang met elkaar hebben dan wel een zodanige beslissing te nemen als de voorzieningenrechter in goede justitie juist acht.
4.De beoordeling in conventie en in reconventie
- Er eerst tweemaal, te weten op zaterdag 27 december 2025 en op zaterdag 3 januari 2026, contact zal plaatsvinden tussen de man en [minderjarige] onder begeleiding van de opa en oma vaderszijde vanaf 9:30 uur tot maximaal 18:30 uur, waarbij [minderjarige] mag bepalen tot hoe laat het contact plaatsvindt, op welke wijze dit plaatsvindt en wie hem haalt en brengt;
- Er vervolgens tweemaal om de week op zaterdag, startende op 17 januari 2026, contact plaatsvindt tussen [minderjarige] en de man onder begeleiding van de opa en oma vaderszijde vanaf 9:30 uur tot 18:30 uur, gedurende de hele dag;
- Er vervolgens tweemaal om de week op zaterdag contact plaatsvindt tussen [minderjarige] en de man zonder begeleiding, vanaf 9:30 uur tot 18:30 uur;
- Er vervolgens tweemaal om de week contact plaatsvindt van vrijdagmiddag uit school tot zaterdag 18:30 uur;
- waarna de tussen partijen overeengekomen zorgregeling zoals weergegeven in rechtsoverweging 2.5 wordt hervat.