Uitspraak
RECHTBANK Zeeland-West-Brabant
1.De zaak in het kort
2.De procedure
3.De feiten
4.Het verzoek en het verweer
.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Op 9 maart 2023 overleed de erflater, die in haar testament van 7 september 2012 een levenslang bewind had ingesteld over het erfdeel van haar zoon vanwege diens geestelijke beperkingen. De bewindvoerder verzocht de rechtbank het testamentair bewind op te heffen, omdat het beschermingsbewind in 2014 al was opgeheven en de rechthebbende sindsdien zijn financiën zelfstandig beheert.
De rechtbank nam kennis van het verzoekschrift, diverse producties en de mondelinge behandeling. De rechthebbende bevestigde dat hij sinds 2014 zijn eigen geldzaken regelt, een schuld heeft afgelost en financieel rondkomt zonder schulden of spaargeld. Ook de bewindvoerder en een belanghebbende onderschreven dat de rechthebbende zijn nalatenschap verantwoord kan beheren.
De rechtbank oordeelde dat aan de voorwaarden van artikel 4:178 lid 2 BW Pro is voldaan, omdat het aannemelijk is dat de rechthebbende zelfstandig en verantwoord met zijn nalatenschap kan omgaan. Daarom werd het testamentair bewind met ingang van de datum van de beschikking opgeheven en werd de beschikking uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Het testamentair bewind over de nalatenschap van de rechthebbende wordt opgeheven wegens verantwoord zelfstandig beheer.