ECLI:NL:RBZWB:2025:888
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling college tot betaling proceskosten wegens niet tijdig beslissen
Verzoeker stelde op 31 mei 2024 beroep in tegen het niet tijdig beslissen op zijn bezwaar van 18 januari 2024. Het college van burgemeester en wethouders van Baarle-Nassau nam op 4 juli 2024 alsnog een beslissing op het bezwaar, waarna verzoeker zijn beroep introk. De rechtbank beoordeelde het verzoek van verzoeker om het college te veroordelen tot betaling van proceskosten.
De rechtbank oordeelde dat het alsnog nemen van een besluit tijdens de beroepsprocedure moet worden gezien als tegemoetkomen aan verzoeker, conform artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht. Daarom wees de rechtbank het verzoek om proceskostenveroordeling toe en veroordeelde het college tot vergoeding van de redelijke proceskosten van verzoeker.
Verzoeker had een vergoeding van € 206,- aan verletkosten gevorderd, welke de rechtbank volledig toewijst. Daarnaast wijst de rechtbank erop dat het college ook het door verzoeker betaalde griffierecht van € 187,- moet vergoeden, waarvoor verzoeker zich rechtstreeks tot het college moet wenden. De uitspraak werd gedaan door rechter A.G.J.M. de Weert op 20 februari 2025.
Uitkomst: Het college wordt veroordeeld tot betaling van € 206,- aan proceskosten aan verzoeker wegens niet tijdig beslissen.