ECLI:NL:RBZWB:2025:8597

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
8 december 2025
Publicatiedatum
8 december 2025
Zaaknummer
BRE 24/3240
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:5 AwbArt. 6:6 AwbArt. 8:54 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken ondertekening en besluit bij parkeerbelasting

Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen een naheffingsaanslag parkeerbelasting opgelegd door de gemeente Tilburg. De rechtbank beoordeelt het beroep zonder zitting omdat het kennelijk niet-ontvankelijk is op grond van artikel 8:54 Awb Pro.

Het beroepschrift was niet persoonlijk ondertekend en er was geen kopie van het bestreden besluit bijgevoegd. De rechtbank heeft belanghebbende twee keer verzocht deze verzuimen binnen een gestelde termijn te herstellen. Ondanks ontvangst van deze verzoeken heeft belanghebbende niet gereageerd met een ondertekend beroepschrift of het besluit.

Omdat belanghebbende geen verontschuldiging voor het verzuim heeft gegeven, verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk. Hierdoor blijft het bestreden besluit in stand en vindt er geen inhoudelijke beoordeling plaats. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.

Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een persoonlijke ondertekening en het niet overleggen van het bestreden besluit.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Belastingrecht
zaaknummer: BRE 24/3240

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 8 december 2025 in de zaak tussen

[belanghebbende] , uit [plaats] , belanghebbende

en

de heffingsambtenaar van de gemeente Tilburg, de heffingsambtenaar.

Inleiding

1. In deze uitspraak beslist de rechtbank over het beroep van belanghebbende tegen de naheffingsaanslag parkeerbelasting met aanslagnummer [nummer] opgelegd door de heffingsambtenaar van de gemeente Tilburg.
1.1.
Omdat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is, doet de rechtbank uitspraak zonder zitting. Artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat mogelijk.

Beoordeling door de rechtbank

2. De rechtbank komt tot het oordeel dat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is omdat belanghebbende geen kopie van het bestreden besluit heeft bijgevoegd en omdat het beroepschrift niet persoonlijk is ondertekend. Het verzuim is niet tijdig hersteld. De rechtbank legt hierna uit hoe zij tot dit oordeel komt.
Toetsingskader
3. Iemand die beroep instelt, moet bij zijn beroepschrift zo mogelijk een kopie van het bestreden besluit bijvoegen. Daarnaast moet het beroepschrift persoonlijk zijn ondertekend. [1] Als dat niet gebeurt, kan de rechtbank na een herstelmogelijkheid het beroep op grond van artikel 6:6 van Pro de Awb niet-ontvankelijk verklaren. [2]
Heeft belanghebbende tijdig een kopie van het bestreden besluit aan de rechtbank gestuurd en het beroepschrift persoonlijk ondertekend?
4. Het beroepschrift is op 19 maart 2024 door de rechtbank ontvangen, maar niet persoonlijk ondertekend door belanghebbende. Er staat geen handtekening op het beroepschrift. Daarnaast heeft belanghebbende geen kopie van het bestreden besluit bijgevoegd. De rechtbank heeft belanghebbende in haar bericht van 27 mei 2024 verzocht om binnen vier weken de verzuimen te herstellen. De rechtbank heeft belanghebbende wederom op 12 september 2024 verzocht om binnen twee weken de verzuimen te herstellen. Uit informatie van PostNL is gebleken dat de aangetekend verzonden brief op 13 september 2024 om 14:54 uur is bezorgd en dat voor ontvangst is getekend. Belanghebbende heeft het beroepschrift niet binnen die termijn ondertekend en geen kopie van het bestreden besluit aan de rechtbank gestuurd.
Is het niet tijdig insturen van een kopie van het bestreden besluit en het niet ondertekenen van het beroepschrift verontschuldigbaar?
5. Belanghebbende heeft geen reden gegeven voor het verzuim. Er is dus geen verontschuldiging voor het verzuim gebleken.

Conclusie en gevolgen

6. Het beroep is daarom niet-ontvankelijk. Dat betekent dat de rechtbank het beroep niet inhoudelijk beoordeelt en dat het bestreden besluit in stand blijft. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. drs. S.J. Willems-Ruesink, rechter, in aanwezigheid van
R.P.A.G. Dekkers, griffier, op 8 december 2025 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De griffier, De rechter,
De uitspraak is aan partijen bekendgemaakt op de datum vermeld in de brief waarmee deze uitspraak aan partijen ter beschikking is gesteld.

Informatie over verzet

Als partijen het niet eens zijn met deze uitspraak, kunnen zij een verzetschrift sturen naar de rechtbank waarin zij uitleggen waarom zij het niet eens zijn met deze uitspraak. Het verzetschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als partijen graag een zitting willen om het verzetschrift toe te lichten, moeten zij dit in het verzetschrift vermelden.

Voetnoten

1.Dit staat in artikel 6:5, tweede lid, van de Awb.
2.Dit staat in artikel 6:6 van Pro de Awb.