ECLI:NL:RBZWB:2025:8156

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
28 oktober 2025
Publicatiedatum
21 november 2025
Zaaknummer
C/02/441207 FA RK 25/5473
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Rekestprocedure
Rechters
  • Govaers
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 7:7 Wvggz
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Voortzetting crisismaatregel en machtiging verplichte zorg bij katatoon-mutistisch toestandsbeeld

Betrokkene verblijft onder een crisismaatregel in een zorgaccommodatie vanwege een katatoon-mutistisch toestandsbeeld, waarbij sprake is van ernstig nadeel en levensgevaar. Na het overlijden van zijn zus vertoonde betrokkene obsessief gedrag en kon hij niet meer werken. De opname en behandeling zijn gericht op het opheffen van het katatoon-mutistisch toestandsbeeld, onder meer door medicatie en mogelijke ECT.

De rechtbank hield een zitting met gesloten deuren waarbij betrokkene niet reageerde. De psychiater en verpleegkundige bevestigden de noodzaak van verplichte zorg, waaronder vocht- en voedingstoediening via infuus, medicatie via injecties, bewegingsbeperking en opname. De advocaat kon geen standpunt namens betrokkene innemen maar vond het verzoek juridisch toelaatbaar.

De rechtbank oordeelde dat er sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel door een psychische stoornis en dat de crisismaatregel noodzakelijk is. Minder bezwarende alternatieven ontbreken, en de verplichte zorg is evenredig en effectief. De machtiging wordt verleend voor drie weken, met afwijzing van overige verzoeken.

Uitkomst: De rechtbank verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel met verplichte zorg voor drie weken.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht
Locatie Breda
Zaaknummer: C/02/441207 FA RK 25/5473
Datum uitspraak: 28 oktober 2025
Beschikking voortzetting crisismaatregel
op het verzoek van de officier van justitie voor
[betrokkene] ,
geboren [geboortedag] 1982 in [geboorteplaats] ,
wonende te [adres] ,
verblijvende te [locatie] ,
hierna te noemen betrokkene,
advocaat mr. P. Doorakkers.

1.Het verloop van de procedure

1.1.
De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 27 oktober 2025.
1.2.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 28 oktober 2025. Daarbij zijn gehoord:
  • de advocaat van betrokkene;
  • [persoon 1] , psychiater;
  • [persoon 2] , verpleegkundige.
Tevens was aanwezig:
- [persoon 3] , coassistent.
1.3.
De officier is, zoals hij reeds aangaf in zijn verzoek, niet op de mondelinge behandeling verschenen en is dus ook niet gehoord.

2.Wat vaststaat

Betrokkene verblijft met een crisismaatregel in [accommodatie] te [plaats] . De burgemeester van de gemeente Altena heeft de crisismaatregel genomen op 25 oktober 2025.

3.Het verzoek

De officier van justitie verzoekt de rechtbank een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel, als bedoeld in artikel 7:7 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz),voor de duur van drie weken te verlenen voor de navolgende zorgvormen:
- toedienen van vocht, voeding en medicatie, alsmede het verrichten van medische controles of andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis
ter behandeling van een somatische aandoening;
  • beperken van de bewegingsvrijheid;
  • onderzoek aan kleding en/of lichaam;
  • aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;
  • opnemen in een accommodatie.

4.De standpunten

4.1.
Voorafgaand aan de zitting begeeft de behandelend rechter zich naar het bed, waarin betrokkene zich bevindt. Betrokkene heeft de ogen gesloten. Wanneer de behandelend rechter vertelt wat de reden is van zijn komst en van de zitting geeft betrokkene daarop geen enkele reactie.
4.2.
De psychiater brengt naar voren dat ten aanzien van betrokkene vermoedelijk sprake is van een verstandelijke handicap. Sinds het overlijden van zijn zus, nu twee jaar geleden, is betrokkene bijzonder en obsessief gedrag gaan vertonen. Hij kon daardoor zijn werk in een sociale werkplaats niet langer voortzetten. Betrokkene is crisis opgenomen, aanvankelijk bij [accommodatie] te [plaats] met een katatoon-mutistisch toestandsbeeld. Betrokkene liet veel verzet zien tegen deze crisisopname. In de periode direct voorafgaand aan deze crisisopname werd betrokkene steeds stiller en lag hij bewegingloos in bed. Ook at en dronk hij niet meer. Het door betrokkene getoonde verzet tegen de opname is afgenomen sinds de overplaatsing naar [locatie] . Wel weigert betrokkene nog steeds te eten en te drinken, wat hij niet op verbale wijze laat blijken, maar door zijn hand voor de mond te houden. Betrokkene krijgt daarom vocht en voeding via een infuus toegediend. Nader diagnostisch onderzoek is nodig om te kunnen vaststellen wat voor stoornis daadwerkelijk aan het actuele toestandsbeeld van betrokkene onderliggend is. Om dit onderzoek te kunnen laten plaats vinden moet er wel eerst met betrokkene contact kunnen worden gelegd. De behandeling en opname zijn daarom op dit moment vooral gericht op het opheffen van het katatoon-mutistisch toestandsbeeld door middel van in eerste instantie medicatie toediening via injecties. Tevens worden er behandelmogelijkheden gezien, bij wijze van alternatief in de vorm van electroconvulsietherapie (ECT). Voort-gezette klinische zorg in een verplicht kader acht zij op dit moment nog noodzakelijk. Daarom kan zij achter het verzoek staan.
Als de op dit moment strikt noodzakelijke zorgvormen benoemt zij het toedienen van vocht, voeding en medicatie, het verrichten van medische controles of andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis ter behandeling van een somatische aandoening, het beperken van de bewegingsvrijheid en het opnemen in een accommodatie.
4.3.
De verpleegkundige sluit zich aan bij wat door de psychiater naar voren is gebracht.
4.4.
De advocaat van betrokkene voert aan dat, gezien het toestandsbeeld van zijn cliënt, het hem niet is gelukt om het verzoek met hem te bespreken. Om die reden is hij ook niet in staat namens zijn cliënt een standpunt naar voren te brengen. Wel heeft hij het verzoekschrift aan de daarvoor geldende wettelijke vereisten kunnen toetsen. Op basis daarvan concludeert hij dat dit verzoek voor wat betreft de ter zitting besproken verplichte zorgvormen voor toewijzing gereed ligt.
4.5.
Na het sluiten van de mondelinge behandeling begeeft de behandelend rechter zich opnieuw naar het bed waarin betrokkene zich bevindt. De behandelend rechter geeft daarop een korte mondelinge uiteenzetting van wat ter zitting is besproken, deelt vervolgens zijn beslissing mede en vraagt aan betrokkene om een reactie. Hierop wordt door betrokkene niet gereageerd.

5.De beoordeling

5.1.
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging tot voortzetting crisismaatregel. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
5.2.
Uit de overgelegde stukken en de zitting is naar het oordeel van de rechtbank gebleken dat er ten aanzien van betrokkene sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, gelegen in het bestaan van of het aanzienlijk risico op:
- levensgevaar.
5.3.
Daarnaast is uit de stukken en de zitting naar het oordeel van de rechtbank gebleken van het vermoeden dat het ernstig nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een psychische stoornis, te weten neurobiologische ontwikkelingsstoornissen (o.a. verstandelijke beperkingen en autismespectrumstoornissen) en schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen.
5.4.
De crisissituatie is zo ernstig dat de procedure voor een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht. Daarbij neemt de rechtbank in aanmerking dat betrokkene in het ziekenhuis crisis is opgenomen met een katatoon-mutistisch toestandsbeeld, nadat hij in de periode daaraan voorafgaand alleen maar bewegingloos in bed lag en hij weigerde te eten en/of te drinken. Betrokkene is nog steeds volledig aangewezen op 24-uurs zorg, omdat hij niet in staat is tot zelfverzorging. Nader diagnostisch onderzoek is nodig om te kunnen vaststellen wat voor stoornis daadwerkelijk aan het actuele toestandsbeeld van betrokkene onderliggend is en wat hij (verder) nodig heeft om te stabiliseren.
5.5.
De rechtbank is op grond van de medische verklaring en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn om het nadeel af te wenden:
  • toedienen van vocht en voeding;
  • toediening van medicatie;
  • het verrichten van medische controles;
  • het verrichten van andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis
ter behandeling van een somatische aandoening;
  • het beperken van de bewegingsvrijheid;
  • opnemen in een accommodatie.
Het verzoek van de officier van justitie zal worden afgewezen voor zover dat ziet op de overige verzochte zorgvormen, nu voor het afgeven van een machtiging in zoverre geen noodzaak bestaat.
5.6.
Betrokkene krijgt vocht en voeding via een infuus toegediend, omdat hij zich daartegen nog steeds - zij het op non-verbale wijze - verzet. Daarnaast is medicatie toediening via injecties, bedoeld om te werken aan het opheffen van het katatoon-mutistisch toestandsbeeld noodzakelijk. Betrokkene laat blijken, met name door ‘nee’ te schudden, zich ook daartegen te verzetten.
5.7.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben.
5.8.
De verplichte zorg is evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving.
5.9.
Met inachtneming van het voorgaande zal de rechtbank een machtiging tot voortzetting crisismaatregel verlenen voor de duur van drie weken.

6.De beslissing

De rechtbank:
6.1.
verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel voor:
[betrokkene] ,
geboren [geboortedag] 1982 in [geboorteplaats] ,
wat inhoudt dat de maatregelen zoals genoemd in rechtsoverweging 5.5 kunnen worden toegepast;
6.2.
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 18 november 2025;
6.3.
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 28 oktober 2025 door mr. Govaers, rechter, in aanwezigheid van Baremans, griffier en op schrift gesteld op 11 november 2025.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.