Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Het verdere verloop van de procedure
- de tussenbeschikking van 20 augustus 2025 en alle daarin genoemde stukken;
- de herstelbeschikking van 25 september 2025;
- de brief d.d. 10 oktober 2025 van de GI, met aanvullende stukken.
- de advocaat van de moeder;
- de bijzondere curator;
- twee vertegenwoordig(st)ers van de GI;
- een vertegenwoordig(st)er van de WSSJ&J;
- een vertegenwoordig(st)er van de Raad.
2.De nadere feiten
3.De resterende verzoeken
4.De (nadere) standpunten
5.De verdere beoordeling
[datum] 2026 om [uur]. Tijdens deze nadere zitting zal de situatie van [minderjarige] en het verzoek van de moeder tot intrekking van de machtiging tot uithuisplaatsing verder worden besproken. De kinderrechter verwacht dat de moeder, haar advocaat, de GI, de WSSJ&J, de Raad en de bijzondere curator hierbij aanwezig zijn.
uiterlijk woensdag 7 januari 2026schriftelijk te informeren over de actuele stand van zaken, het verloop en de realisatie van de overdracht en over hoe het met [minderjarige] gaat.
6.De beslissing
[datum] 2026 om [uur]ten overstaan van mr. De Beer voor de duur van 45 minuten;
uiterlijk woensdag 7 januari 2026een briefrapportage toe te zenden, zulks met inachtneming van hetgeen hiervoor in rechtsoverweging 5.4. is overwogen;