In deze zaak heeft de kantonrechter van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant op 31 oktober 2025 uitspraak gedaan in een geschil tussen [verzoeker] en NUALA CONSULTING AG. De kantonrechter ontbindt de arbeidsovereenkomst tussen partijen met ingang van 15 november 2025, omdat beide partijen het erover eens zijn dat de arbeidsovereenkomst op de kortst mogelijke termijn moet eindigen. De werkgever, NUALA, heeft zich niet gehouden aan eerdere vonnissen en heeft ernstig verwijtbaar gehandeld door de loonbetaling aan [verzoeker] te staken en niet adequaat te reageren op zijn ziekte. Hierdoor heeft de kantonrechter geoordeeld dat [verzoeker] recht heeft op een transitievergoeding van € 1.964,97 en een billijke vergoeding van € 34.000,00, beide vermeerderd met wettelijke rente. De kantonrechter heeft ook de proceskosten voor rekening van NUALA gesteld, omdat deze overwegend ongelijk heeft gekregen. De uitspraak benadrukt de verplichtingen van werkgevers bij ziekte van werknemers en de noodzaak om zich aan rechterlijke uitspraken te houden.