ECLI:NL:RBZWB:2025:6568
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Beschikking
- M. Zander
- Rechtspraak.nl
Ontbinding van de arbeidsovereenkomst wegens verstoorde verhoudingen zonder verwijtbaar handelen
In deze zaak heeft de besloten vennootschap [werkgever] B.V. verzocht om de arbeidsovereenkomst met [werknemer] te ontbinden. De werkgever stelde dat er sprake was van ernstig verwijtbaar handelen door de werknemer en een verstoorde arbeidsverhouding. De kantonrechter heeft het verzoek van de werkgever toegewezen op basis van de verstoorde arbeidsverhouding, maar niet op basis van verwijtbaar handelen. De kantonrechter oordeelde dat de door de werkgever aangevoerde voorvallen onvoldoende ernstig waren om te concluderen dat de werknemer verwijtbaar had gehandeld. De werknemer had zich op 6 april 2025 ziek gemeld, maar het verzoek tot ontbinding hield geen verband met deze ziekte. De kantonrechter heeft vastgesteld dat herplaatsing van de werknemer binnen een redelijke termijn niet mogelijk was, gezien de grootte van de onderneming. De arbeidsovereenkomst is ontbonden met ingang van 1 november 2025. De kantonrechter heeft ook geoordeeld dat de werknemer recht heeft op een transitievergoeding van € 2.557,- bruto, te vermeerderen met wettelijke rente vanaf 1 december 2025. Daarnaast is de werkgever veroordeeld om de niet genoten verlofuren en vakantiegeld aan de werknemer uit te betalen. De proceskosten zijn voor beide partijen, omdat geen van beide partijen volledig in het gelijk is gesteld.