Uitspraak
[minderjarige], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 2009.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde een verzoek tot wijziging van de zorgregeling betreffende een minderjarige geboren in 2009. De moeder verzocht primair om ontzegging van contact tussen de minderjarige en zijn vader, subsidiair om een begeleide omgangsregeling. De vader vorderde nakoming van de eerder bepaalde zorgregeling.
De Raad voor de Kinderbescherming bracht een rapport uit waarin werd geadviseerd de minderjarige onder toezicht te stellen van de gecertificeerde instelling (GI) voor twaalf maanden vanwege ernstige zorgen over zijn emotionele ontwikkeling. De minderjarige verkeert in een loyaliteitsconflict door de strijd tussen zijn ouders en heeft al lange tijd geen contact met zijn vader. De hulpverlening tot dan toe was onvoldoende effectief.
Tijdens de mondelinge behandeling gaf de minderjarige aan geen contact met zijn vader te willen. De moeder steunde dit standpunt, terwijl de vader het contact wilde herstellen en stelde dat de moeder het contact blokkeert. De rechtbank overwoog dat het in het belang van de minderjarige is contact met beide ouders te behouden, maar erkende het loyaliteitsconflict en de complexiteit van de situatie. De beschuldigingen van seksueel misbruik door de vader werden serieus genomen, maar onvoldoende bewezen.
De rechtbank wees het verzoek tot ontzegging van contact af en bepaalde dat het contact onder regie van de GI en hulpverlening op het tempo van de minderjarige moet worden opgebouwd, te beginnen met e-mail en telefoon. De ondertoezichtstelling werd toegewezen voor twaalf maanden. De beslissing werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard om directe werking te waarborgen.
Uitkomst: De rechtbank wijzigt de zorgregeling en wijst het verzoek tot ontzegging van contact af, stelt de minderjarige onder toezicht van de gecertificeerde instelling voor twaalf maanden en bepaalt dat contact onder regie van de GI op het tempo van de minderjarige wordt opgebouwd.