ECLI:NL:RBZWB:2025:6117
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens niet betalen griffierecht bij parkeerbelasting
Belanghebbende uit Duitsland stelde beroep in tegen een naheffingsaanslag parkeerbelasting opgelegd door de heffingsambtenaar van de gemeente Breda. De rechtbank beoordeelde het beroep zonder zitting op grond van artikel 8:54 Awb Pro, omdat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk was.
De rechtbank stelde vast dat belanghebbende het griffierecht van €53,- niet tijdig had betaald, ondanks twee aanmaningen: een brief van 16 april 2025 en een aangetekende brief van 24 juni 2025, die op 27 juni 2025 was bezorgd. Belanghebbende gaf geen reden voor het verzuim, waardoor er geen verontschuldiging was.
Op grond van artikel 8:41 Awb Pro is het niet betalen van het griffierecht zonder geldige reden reden voor niet-ontvankelijkheid van het beroep. De rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk en liet het bestreden besluit in stand. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
De uitspraak werd gedaan door rechter S.J. Willems-Ruesink op 16 september 2025 en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl. Belanghebbende kan binnen zes weken verzet instellen tegen deze uitspraak.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet betalen van het griffierecht zonder verontschuldiging.