Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
5.De beslissing
spreekt verdachte vrijvan het primaire en subsidiaire ten laste gelegde feit.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Op 1 juni 2023 bezocht aangeefster, een professionele escort, het huis van verdachte. Zij hadden vooraf afgesproken dat de seksuele handelingen met condoom zouden plaatsvinden. Tijdens het voorspel gebruikte verdachte een condoom waarin hij klaarkwam. Vervolgens verwijderde hij dit condoom, waarna aangeefster zijn penis reinigde en een nieuw condoom omdeed. Verdachte penetreerde daarna aangeefster vaginaal met het nieuwe condoom.
Aangeefster merkte tijdens de penetratie dat verdachte sneller bewoog en klaarkwam terwijl hij nog in haar was. Na afloop zag zij dat verdachte het condoom van haar rug pakte en concludeerde dat hij zonder condoom in haar was klaargekomen. Verdachte ontkende het condoom tijdens penetratie te hebben verwijderd en verklaarde dat hij het condoom pas verwijderde nadat hij uit haar vagina was gegaan.
Forensisch onderzoek toonde spermasporen diep vaginaal aan die overeenkomen met het DNA van verdachte. Echter, vanwege het intensieve contact en het wisselen van condooms kan contaminatie niet worden uitgesloten. De rechtbank achtte het alternatieve scenario dat sperma via reiniging en contact in de vagina terechtkwam niet onaannemelijk.
Gezien het ontbreken van bewijs buiten redelijke twijfel dat verdachte het condoom heimelijk heeft verwijderd en onbeschermde seks heeft gehad, sprak de rechtbank verdachte vrij van zowel verkrachting als dwang. De zitting vond plaats op 12 augustus 2025 en het vonnis werd uitgesproken op 26 augustus 2025.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs dat hij het condoom heimelijk heeft verwijderd tijdens de seks.