ECLI:NL:RBZWB:2025:5085
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen aanslagen watersysteemheffing en zuiveringsheffing woonruimten
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de aanslagen watersysteemheffing ingezetenen en zuiveringsheffing woonruimten voor het jaar 2024, opgelegd door de heffingsambtenaar. Hij stelde dat hij geen ingezetene was omdat hij tijdelijk in Nederland verbleef als staatsburger van de Republiek der Verenigde Staten van Indonesië.
De rechtbank oordeelde dat belanghebbende op 1 januari 2024 stond ingeschreven op een adres binnen het gebied van het waterschap en gebruik maakte van de woonruimte, waardoor hij als ingezetene wordt beschouwd voor de watersysteemheffing. Voor de zuiveringsheffing is enkel het gebruik van de woonruimte relevant, wat niet in geschil was.
De rechtbank verwierp het beroep en bevestigde dat de aanslagen terecht zijn opgelegd. Tevens wees de rechtbank het verzoek van de heffingsambtenaar af om belanghebbende te veroordelen in proceskosten wegens herhaaldelijke, reeds verworpen bezwaren, omdat het recht op het aanvechten van aanslagen blijft bestaan.
De uitspraak is gedaan door rechter M.M. Dondorp-Loopstra op 1 augustus 2025 en is openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende tegen de aanslagen watersysteemheffing en zuiveringsheffing woonruimten wordt ongegrond verklaard en de aanslagen blijven gehandhaafd.