Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
(de rechtbank begrijpt: een wapen en een balletjespistool). Enkele dagen later krijgt verdachte van [accountnaam 4] foto’s van (vuur)wapens toegestuurd. Op 21 mei 2024 om 00:15 uur, dus vlak voordat verdachte door [medeverdachte] is opgehaald, start verdachte wederom een chatgesprek met [accountnaam 4] . Daarin vraagt hij ‘Kan ik ff langs jou. Voor je weet wel wat’ en ‘Moet alleen iemand bang make toch, zometeen’. Ongeveer een kwartier later laat [accountnaam 4] hem weten dat hij bij verdachte is gearriveerd en een paar minuten later stuurt [accountnaam 4] hem nog ‘Gewoon die man raggen met die p’, waarop verdachte zegt ‘Gaat zeker goed komen’.
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.De benadeelde partij
8.Het beslag
9.De wettelijke voorschriften
10.De beslissing
een jeugddetentie van 19 dagen;
een taakstraf van 200 uren, subsidiair 100 dagen vervangende jeugddetentie, waarvan 100 uren, subsidiair 50 dagen vervangende jeugddetentie, voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar;
algemene voorwaardedat verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
bijzondere voorwaarden:
2 jarenop geen enkele wijze - direct of indirect - contact zal opnemen, zoeken of hebben met
[aangever 1], geboren op [geboortedag 2] 2007 te [geboorteplaats 2] ( [geboorteland] );
vervangende hechtenis bedraagt 1 week voor iedere keer dat niet aan de maatregel wordt voldaan, met een maximale duur van 6 maanden;
[aangever 1]van
€ 1.000,- aan immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente, vanaf 21 mei 2024 tot aan de dag der voldoening;
0 dagen gijzelingkan worden toegepast, met dien verstande dat toepassing van de gijzeling de betalingsverplichting niet opheft;