3.4.[werknemer] verzoekt – na vermeerdering van eis – bij beschikking, zoveel mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:
- een verklaring voor recht dat het ontslag op staande onterecht was gegeven;
- de gevolgen van het onterecht gegeven ontslag op staande voet in stand te houden onder toekenning, ten laste van [werkgever] , van de volgende vergoedingen, onder verstrekking van een deugdelijke bruto/netto-specificatie:
a. een transitievergoeding ter grootte van € 1.994,11;
b. een billijke vergoeding ter grootte van € 30.275,50;
c. de gefixeerde schadevergoeding ter grootte van € 4.546,29;
d. een vergoeding ter grootte van de ten onrechte verrekende gefixeerde schadevergoeding met het loon van [werknemer] ;
- te verklaren voor recht dat de opleidingskosten door [werknemer] noodzakelijk zijn en hierdoor niet terugbetaald dienen te worden aan [werkgever] ;
- voor zover opleidingskosten zijn verrekend dan wel terugbetaald door [werknemer] , [werkgever] te veroordelen tot terugbetaling hiervan aan [werknemer] ;
- de wettelijke rente over de hiervoor genoemde bedragen vanaf de dag dat deze door [werkgever] zijn verschuldigd;
- met veroordeling van [werkgever] in de kosten van het geding.