ECLI:NL:RBZWB:2025:4114

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
19 juni 2025
Publicatiedatum
2 juli 2025
Zaaknummer
11162098 - MB VERZ 24-467
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv)
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep gegrond wegens onvoldoende vaststelling gedraging bij verkeersboete

Betrokkene kreeg een administratieve sanctie opgelegd wegens het gebruik van de autosnelweg A58 te Etten-Leur met een voertuig dat niet sneller kan of mag dan 60 km/h. Betrokkene voerde aan dat de boete onredelijk was omdat belangrijke papieren waren gevallen en hij deze van de vluchtstrook wilde pakken.

De officier van justitie stelde dat de gedraging op basis van het zaakoverzicht vaststaat en verzocht om matiging van de boete wegens het niet horen van betrokkene en overschrijding van de redelijke termijn. Betrokkene ontkende de gedraging niet.

De kantonrechter oordeelde dat niet is komen vast te staan dat de gedraging heeft plaatsgevonden, mede omdat onduidelijk is hoe deze zou zijn verricht en geconstateerd. Daarom is de boete ten onrechte opgelegd en wordt het beroep gegrond verklaard. De beschikking en beslissing worden vernietigd en het betaalde bedrag van €129,- wordt terugbetaald.

Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de verkeersboete wordt vernietigd met terugbetaling van het betaalde bedrag.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Team strafrecht
Zittingsplaats Bergen op Zoom
zaaknummer : 11162098 \ MB VERZ 24-467
CJIB-nummer : 8062 5422 5025 0442
uitspraakdatum : 19 juni 2025
proces-verbaal van de zitting en uitspraak op een beroep op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv)
in de zaak van
naam :
[naam]
adres : [adres]
woonplaats : [woonplaats]
hierna: betrokkene

Verloop van de procedure

Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De zaak is behandeld op de zitting van 19 juni 2025. Namens de officier van justitie is verschenen mr. K. Kattick (hierna: zittingsvertegenwoordiger). Betrokkene is niet verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.

Standpunten

De gedraging waarvoor de boete is opgelegd luidt, kort omschreven: autosnelweg gebruiken anders dan met motorvoertuig dat sneller kan/mag dan 60 km/h op de A58 te Etten-Leur op 16 juni 2022 om 13.52 uur.
Betrokkene heeft in het beroepschrift samengevat aangevoerd dat de boete niet redelijk is gelet op de omstandigheden waaronder de gedraging heeft plaatsgevonden. Belangrijke papieren waren gevallen en daarom had betrokkene de beslissing genomen op ze te pakken van de vluchtstrook.
De zittingsvertegenwoordiger heeft verzocht het beroep deels gegrond te verklaren en heeft daartoe het volgende aangevoerd. De gedraging kan op basis van het zaakoverzicht worden vastgesteld. Betrokkene ontkent de gedraging ook niet.
De zittingsvertegenwoordiger verzoekt het boetebedrag te matigen met 25% omdat betrokkene niet is gehoord of hierop is gewezen door de officier van justitie én verder te matigen met 25% omdat de redelijke termijn is overschreden. De zittingsvertegenwoordiger verzoekt het beroep voor het overige ongegrond te verklaren.

Overwegingen

De kantonrechter is van oordeel dat niet is komen vast te staan dat de gedraging is verricht. Daarbij is van belang dat onduidelijk is op welke wijze de gedraging zou zijn verricht en is geconstateerd. Dit betekent dat de boete ten onrechte is opgelegd.
Het beroep is daarom gegrond. De beschikking waarbij de boete is opgelegd en de beslissing van de officier van justitie zullen worden vernietigd. Het bedrag dat betrokkene aan zekerheid heeft betaald moet door de officier van justitie worden terugbetaald.

Beslissing

De kantonrechter:
‒ verklaart het beroep gegrond;
‒ vernietigt de bestreden beslissing van de officier van justitie en de beschikking waarbij de boete is opgelegd;
‒ draagt de officier van justitie op het bedrag van € 129,- dat betrokkene als zekerheidstelling heeft betaald, aan betrokkene terug te betalen.
Deze uitspraak is gedaan door mr. M.A.V. van Aardenne, kantonrechter, bijgestaan door de griffier C.G. Zevenhuijzen, en in het openbaar uitgesproken op 19 juni 2025.
Tegen deze beslissing is geen hoger beroep mogelijk.
Datum verzending: