Op 10 september 2023 heeft de minderjarige verdachte in een park te [plaats] meerdere strafbare feiten gepleegd tegen twee minderjarige slachtoffers. Hij heeft de borsten van een meisje betast, zonder toestemming een seksuele afbeelding van een jongen vervaardigd en openlijk geweld gepleegd tegen beiden door hen te slaan en te vernederen. Deze feiten zijn wettig en overtuigend bewezen verklaard door de rechtbank.
De zaak is inhoudelijk behandeld met gesloten deuren op 5 juni 2025, waarbij de officier van justitie en de verdediging hun standpunten hebben toegelicht. De verdediging betwistte deels de bewezenverklaring, met name ten aanzien van het betasten van de borsten en de openlijke geweldpleging, maar de rechtbank verwierp deze bezwaren. De Raad voor de Kinderbescherming heeft een positief advies uitgebracht over de ontwikkeling van verdachte en geadviseerd om een taakstraf en voorwaardelijke jeugddetentie met bijzondere voorwaarden op te leggen.
Gezien de ernst van de feiten maar ook de positieve ontwikkeling van verdachte, waaronder het afronden van een MST-traject en het stoppen met blowen, heeft de rechtbank afgezien van een onvoorwaardelijke jeugddetentie. De opgelegde straf bestaat uit een werkstraf van 80 uren, vervangbaar door 40 dagen jeugddetentie bij niet-naleving, en een voorwaardelijke jeugddetentie van 3 weken met een proeftijd van 2 jaar en bijzondere voorwaarden zoals geen middelengebruik en meldplicht bij de jeugdreclassering.
De rechtbank benadrukt dat verdachte zich tijdens de proeftijd moet houden aan de voorwaarden en dat de jeugdreclassering toezicht houdt en begeleiding biedt. De straf is bedoeld om duidelijk te maken dat herhaling van strafbare feiten niet wordt getolereerd en om verdachte te ondersteunen in zijn positieve ontwikkeling.