ECLI:NL:RBZWB:2025:3523
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtbank verklaart zich onbevoegd in geschil over verrekening belastingaanslagen
De ontvanger van de Belastingdienst had op 14 december 2022 een mededeling verzonden betreffende de verrekening van een vermindering van de aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen (IB/PVV) 2016 met openstaande bedragen op diverse aanslagen uit 2015, 2016 en 2017. Belanghebbende maakte hiertegen bezwaar en stelde op 22 december 2023 beroep in bij de rechtbank.
De rechtbank Zeeland-West-Brabant verklaarde zich echter kennelijk onbevoegd om kennis te nemen van het beroep, omdat de belastingrechter in principe niet bevoegd is om te oordelen over beslissingen van de ontvanger op grond van de Invorderingswet, tenzij voor bepaalde besluiten een uitzondering geldt. De verrekening van bedragen valt niet onder deze uitzonderingen. De rechtbank wees erop dat geschillen over verrekening aan de burgerlijke rechter moeten worden voorgelegd.
Daarnaast overwoog de rechtbank dat het beroep tegen de verminderingsbeschikking voor het jaar 2016 niet ontvankelijk is, omdat dit een ambtshalve vermindering betrof naar aanleiding van een eerdere beroepsprocedure en belanghebbende het beroep had ingetrokken. De rechtbank kwam daarom niet toe aan een inhoudelijke beoordeling en zag geen aanleiding tot terugbetaling van griffierecht. De uitspraak werd gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt op 6 juni 2025.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich onbevoegd om te oordelen over het beroep tegen de verrekening van belastingaanslagen.