Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene kreeg een administratieve sanctie opgelegd voor het rijden met 23 km per uur te hard op een weg buiten de bebouwde kom op 11 januari 2023. Tegen de boete werd beroep ingesteld bij de officier van justitie, dat ongegrond werd verklaard. Vervolgens stelde betrokkene beroep in bij de kantonrechter.
Tijdens de zitting op 11 april 2025 verscheen de officier van justitie, maar betrokkene was afwezig. De verbalisant verklaarde in een aanvullend proces-verbaal dat de boete onterecht was opgelegd. De kantonrechter oordeelde dat niet is komen vast te staan dat de overtreding heeft plaatsgevonden.
Daarom werd het beroep gegrond verklaard, de boete en de beslissing van de officier van justitie vernietigd, en werd de officier van justitie opgedragen het betaalde bedrag van €295,- terug te betalen aan betrokkene. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete wordt gegrond verklaard en de boete wordt vernietigd.