Uitspraak
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
in vereniging met anderen, met het oogmerk om zich
en ander
enwederrechtelijk te bevoordelen door bedreiging met
geweld [benadeelde] heeft gedwongen tot de afgifte van een jas en een muts die aan die [benadeelde]
- via [getuige] tegen die [benadeelde] te zeggen dat verdachte en
zijn mededaders de jas en van die [benadeelde] wilden hebben en
- aan die [benadeelde] een mes te tonen en dit mes onderling aan elkaar door te
geven en
- een arm om het lichaam van die [benadeelde] heen te slaan, en
- een mes tegen de keel van die [benadeelde] te houden, en
- die [benadeelde] de woorden toe te voegen: "doe die jas maar gewoon uit en
geef die muts maar", althans woorden van soortgelijke dreigende aard en/of
strekking;
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
6.De benadeelde partij
verplaatste schadevoor wat betreft het halen en brengen van [benadeelde] van- en naar school. Een jongen van de leeftijd van [benadeelde] zou normaal gesproken zelf van – en naar school reizen. Het halen en brengen valt daarom dus onder mantelzorg; taken overnemen die de benadeelde zonder het schadetoebrengende feit zelfstandig zou kunnen uitoefenen. De overige vordering en de schadepost dat ziet op de geannuleerde rijlessen wijst de rechtbank af. Er is slechts gesteld dat er sprake was van 10 rijlessen die zijn geannuleerd. Deze stelling wordt verder niet onderbouwd met bewijsstukken, zodat de vordering moet worden afgewezen.
7.De wettelijke voorschriften
7.De beslissing
een jeugddetentie van 30 (dertig) dagen voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar;
algemene voorwaardedat verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
bijzondere voorwaardendat:
een werkstraf van 80 (tachtig) uren;
vervangende jeugddetentiezal worden toegepast van
40 (veertig) dagen;
€ 542,- euro;