ECLI:NL:RBZWB:2025:1713
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen WOZ-waarde woning te Oisterwijk
Belanghebbende is eigenaar van een woning in Oisterwijk waarvan de WOZ-waarde per 1 januari 2022 is vastgesteld op €998.000. Tegen deze waardebepaling en de daarop gebaseerde aanslag onroerendezaakbelasting heeft belanghebbende bezwaar gemaakt, dat door de heffingsambtenaar is afgewezen.
De rechtbank heeft het beroep op 7 februari 2025 behandeld en beoordeelt of de WOZ-waarde te hoog is vastgesteld. De waarde is bepaald met de vergelijkingsmethode, waarbij referentiewoningen zijn gebruikt die voldoende vergelijkbaar zijn qua type, ligging en bouwjaar, ondanks verschillen in woonoppervlakte.
Belanghebbende stelde dat onvoldoende rekening is gehouden met gedateerde voorzieningen en een matig duurzaamheidsniveau. De rechtbank oordeelt dat de heffingsambtenaar dit voldoende heeft onderbouwd met een taxatierapport, een taxatiematrix en een deskundige taxateur die correcties toepaste. De gebruikte KOUDV-factoren zijn gebaseerd op permanente marktanalyse en zijn in het voordeel van belanghebbende toegepast.
De rechtbank concludeert dat de WOZ-waarde niet te hoog is vastgesteld en verklaart het beroep ongegrond. De aanslag OZB blijft gehandhaafd en belanghebbende krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde en aanslag OZB wordt ongegrond verklaard en gehandhaafd.